Net als anarchisten streeft WikiLeaks alleen chaos na

Opinie

Julian Assange is de Robin Hood van deze tijd. Burgers vinden het mooi. De staat zou dat signaal serieus moeten nemen, betoogt Jan Staman.

De trein met WikiLeaks-onthullingen dendert door. Wat – afgezien van de inhoud – nog het meest opvalt, is de massieve steun in de samenleving voor WikiLeaks en voor Julian Assange, die zich heeft ontpopt tot de Robin Hood van deze tijd. Collectief verkneukelt het volk zich over hoe de machthebbers in hun hemd worden gezet. Politici die kanttekeningen plaatsen bij Assanges werkwijze worden bijkans uitgejouwd.

Mijn conclusie is dat WikiLeaks gaat over het vertrouwen tussen burger en staat. Dat vertrouwen is weg. Daarover zou het debat moeten gaan.

Het valt me op dat de meest voor de hand liggende vragen die je zou kunnen stellen over WikiLeaks eigenlijk niet of nauwelijks worden gesteld.

Welk doel wordt nagestreefd met het in de openbaarheid brengen van enorme hoeveelheden vertrouwelijke overheidsinformatie? Hoe verhouden doel en middelen zich tot elkaar?

Klokkenluiders zijn mensen die verborgen misstanden aan de kaak stellen. Welke concrete, onbekende misstanden stelt WikiLeaks eigenlijk aan de kaak?

Natuurlijk zijn de onthullingen pikant en – soms – onthutsend, maar zijn het misstanden?

Het lijkt erop dat WikiLeaks de westerse staat zelf beschouwt als een misstand. Daarom zijn chaos creëren, regeringen in ernstige verlegenheid brengen en internationale politieke verhoudingen destabiliseren de doelen die de organisatie nastreeft. WikiLeaks ontkent of wuift weg dat het daarmee schade aanricht, of misschien zelfs mensenlevens in gevaar brengt. Het gaat hier immers over een hoger doel, een doel dat de middelen heiligt.

Ik stel vast dat WikiLeaks zich daarmee ontegenzeggelijk in een traditie plaatst – in die van de revolutionaire en anarchistische (splinter)groepen uit de jaren zeventig en tachtig, die vergelijkbare doelen nastreefden. Chaos is in beide gevallen een doel op zich, met mensen die moeten worden bevrijd uit de wurggreep van de burgerlijke, controlerende staat. Alles wat zal ontstaan op de rokende puinhopen van wat de staat is geweest, is beter en mooier dan wat het nu is. Toen waren de idealen arcadische leefgemeenschappen en arbeiderszelfbestuur. Nu wordt gestreefd naar totale transparantie en – digitale – vrijheid.

Volgens WikiLeaks misleiden de staat en het bedrijfsleven de burgers en de klanten systematisch en op grote schaal en schaden ze onze belangen. Omdat informatie in de toekomstige, door internet bemiddelde, totaal vrije en transparante samenleving altijd wordt gedeeld, is het een plicht om in die geest te handelen, de staat en het bedrijf te ontmaskeren en hen te dwingen om informatie te delen.

De Nieuwe Tijd, de Internettijd, breekt aan en WikiLeaks is niet allen haar heraut, maar ook haar wegbereider.

Is dit het verhaal? Hoe is het mogelijk dat we dit verhaal slikken? Welke gebeurtenissen heeft onze samenleving meegemaakt die ertoe hebben geleid dat we gevoelig zijn geworden voor deze argumentatie?

Zelf zie ik de steun voor WikiLeaks in de eerste plaats als de zoveelste uitdrukking van de kloof tussen de burger en de staat en tussen de burger en zijn politieke vertegenwoordigers. Het zit in onze westerse wereld al lange tijd niet goed meer tussen de burger en de staat.

De steun voor WikiLeaks wortelt volgens mij ook in de volkswoede over de financiële crises, de onmacht van de staat daarbij, de onderwerping van de staat aan de financiële wereld, de neiging tot onwaarachtigheid over oorlogsvoering, de retoriek over veiligheid, de manier waarop in dit verband onze vrijheid wordt beteugeld en de teloorgang van de publieke moraal, met als belangrijkste voorbeeld de waarden in het openbaar bestuur.

Het lijkt erop dat burgers zich aangenaam verrast voelen door WikiLeaks, dat een symbool is voor de kracht van de tijdgeest. De organisatie laat hen beseffen dat het mogelijk is om van onderop af te rekenen met een staat die ze niet meer willen.

In theorieën over complexe, adaptieve systemen wordt rekening gehouden met plotselinge omslagen in nieuwe, al dan niet stabiele toestanden van een systeem. Het complexe, adaptieve systeem genaamd de westerse wereld ondervindt een dergelijke omslag nu. Het is een omslag van politieke systemen die zijn gebaseerd op vertrouwen en representatieve vertegenwoordiging naar politieke systemen die zijn gebaseerd op wantrouwen, uitgeholde vertegenwoordiging en directe controle. WikiLeaks versterkt dit nieuwe systeem in wording. We controleren de machthebbers zelf wel en we doen dat op onze eigen manier.

WikiLeaks komt van onderop. Het is een poging om het huishouden op orde te brengen. Het is hard en misschien disproportioneel, maar het geeft de burgers hoop.

De staat zou dit signaal serieus moeten nemen en met een revolutionair en radicaal antwoord moeten komen op deze internetrevolutie.

Daarbij gelden twee geboden. De eerste luidt: staat, gedraag je. Laat parlementariërs weer op de eerste plaats volksvertegenwoordigers zijn. Sta toe dat wij, burgers, de banken aanpakken en breng ons daartoe in een stevige positie. Help ons onze veiligheid te organiseren. Help ons klokkenluiders te eren en te beschermen. Maak hen niet kapot door middel van juridische procedures. Doe direct en zonder zeuren wat de Nationale Ombudsman zegt. Wees helder en eerlijk in zaken van openbare orde en internationaal conflict. Wees transparant en hou op met het traineren van de openbaarheid door de Wet openbaarheid bestuur (WOB) niet volledig na te leven. Spiegel je aan landen waar ambtenaren loyaal en proactief meewerken aan informatieverschaffing aan burgers en media.

Het tweede gebod luidt: heb vertrouwen in ons – burgers. Zoek ons op en daag ons uit. Spreek ons aan op de deugden van het burgerschap. Dan krijgen wij ook wel weer vertrouwen in u!

Vooralsnog vertoont de staat het geijkte gedrag van afweren en verdedigen. Ik ben bang dat we nog vele, WikiLeaks-achtige affaires nodig zullen hebben voordat de macht eindelijk in beweging zal komen.

Jan Staman is directeur van het Rathenau Instituut, een door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ingestelde, onafhankelijke organisatie die onderzoek en discussie stimuleert over wetenschap en technologie.