Regelaar die moest opstappen

Albert-Jan Evenhuis maakte tot 1989 carrière in de VVD. In Drenthe bleef hij geliefd, ook na schandalen.

Twaalf jaar was hij Tweede Kamerlid voor de VVD, en drie jaar lang staatssecretaris van Economische Zaken in het tweede kabinet-Lubbers. Albert-Jan Evenhuis overleed in de nacht van dinsdag op woensdag op 69-jarige leeftijd.

Een CDA-collega uit Drenthe, Evenhuis’ bakermat, noemde hem eens „opgebouwd uit turf, achterdocht en jenever”. Deze omschrijving zou hem achtervolgen tot het einde van zijn carrière, in 1989.

In de Tweede Kamer stond hij bekend als ritselaar en regelaar voor Ed Nijpels. Die meende dat Evenhuis door de combinatie van Drentse gemoedelijkheid en boerenslimheid tactisch goed kon omgaan met de rechtervleugel van de VVD. Het leverde hem het vicefractievoorzitterschap op.

Evenhuis stamde uit een vrijzinnig hervormd milieu. Via de ulo en de kweekschool begon hij zijn werkzame leven als onderwijzer in Emmen. Hij aarzelde lang voor welke partij, D66 of VVD, hij de politiek in zou gaan. Maar na zijn besluit ging het snel. Statenlid in 1970, Tweede Kamerlid in 1973. Daar werd hij onder meer voorzitter van de defensiecommissie, waardoor hij het ‘kruisrakettendossier’ kreeg toegeschoven. Ook deed hij voor de VVD de burgemeestersbenoemingen.

Als staatssecretaris maakte hij weinig indruk. Alleen zijn niet aflatende strijd voor een soepeler winkelsluitingswet verdient vermelding.

Zijn aftreden volgde in 1989, op 47-jarige leeftijd. Een gedwongen afscheid, omdat hij de Tweede Kamer verkeerd had ingelicht over een privélening, een zonde die hij had opgebiecht aan NRC Handelsblad. De rechtbank zou Evenhuis later vrijspreken van oplichting. Wel achtte het gerechtshof van Leeuwarden in een andere zaak bewezen dat hij 206.750 gulden aan inkomsten had verzwegen voor de fiscus.

Om hun bewondering te tonen, probeerden Drentse VVD-Statenleden hem kort na zijn aftreden nog op een verkiesbare plek voor de Eerste Kamer te krijgen. Tevergeefs. Ook ontving hij het commandeurschap in de Orde van Oranje-Nassau en kreeg hij, in 1990, een prijs van de Gronings-Drentse journalistenvereniging.