Gentechkip moet uitbraken van vogelgriep indammen

Er zijn kippen gemaakt die geen vogelgriep verspreiden. Dat gebeurde in een Brits lab, via genetische modificatie en met geld van een van ’s werelds grootste fabrikanten van vleeskippen. De biotechnologische aanpak, gisteren gepubliceerd in Science, is een nieuwe manier om dierziekten te bestrijden.

De vogelgriep is haast vergeten. Sinds 2003 gaan er al kippen, eenden en kalkoenen dood door de griep met codenaam H5N1, vooral in Azië en Egypte. Ook mensen bezwijken soms: de sterfte bereikte zijn hoogtepunt in 2006, met 79 doden. Maar vogelgriep ontwikkelde zich niet tot een angstwekkende pandemie en bleef een vogelziekte, waar een aantal landen (vooral in Zuidoost-Azië) niet meer vanaf kwam. Het platteland, met veel kippen op de erven, biedt nu eenmaal vruchtbare broedplaatsen voor het virus.

De kippenindustrie heeft er dus nog wel baat bij om zich te beschermen tegen H5N1 en andere vogelgriepvirussen. Dat kan met de gentechkippen van de universiteiten van Edinburgh en Cambridge en het Britse dierziektelab in Weybridge.

De genetisch gemodificeerde kippen maken het griepvirus minder schadelijk. De kippen worden zelf wel ziek als ze besmet raken, ze gaan er zelfs dood aan, maar als ze tijdens hun ziekte griepvirussen uitsnotteren en uitpoepen, besmetten ze geen andere dieren. Het uitgescheiden virus is onschadelijk geworden. Als er maar genoeg stallen met transgene kippen zijn, zal een epidemie dus lokaal uitdoven.

Wetenschappelijk is de aanpak vernieuwend. De kippen werden voorzien van een zorgvuldig ontworpen DNA-fragment dat de werking van het viruseiwit polymerase belemmert. Zonder polymerase kan een griepvirus niets: het eiwit is nodig om de andere genen af te lezen zodat het virus zich kan vermenigvuldigen. Een vergelijkbare aanpak zou ook voor andere virusziekten kunnen werken.

Voor virologen biedt het onderzoek een raadsel. De genetische ingreep werkte namelijk niet volgens plan. Op papier zou de polymeraseremming ervoor zorgen dat virussen zich veel minder vermenigvuldigen in de kip. Gevolg: kip blijft leven en snottert ook geen virussen uit. Maar nee, het enige effect is die onschadelijkheid van de uitgescheiden virussen. Mysterieus.

Dat maakt zo’n aanpak niet erg praktisch. Een boer heeft liever kippen die helemaal niet ziek worden – als hij al transgene kippen wil, en als een overheid al biotechkippen zou toelaten. Hester van Santen