De Amerikaanse diplomatie lijdt

Was het professioneel van de Amerikaanse ambassadeur om koningin Beatrix te citeren? En hoeveel schade ondervinden de VS eigenlijk van WikiLeaks?

Op het State Department in Washington maakten honderden ambtenaren de laatste maanden overuren. Hun taak: doorloop de 250.000 vertrouwelijke stukken die in handen zijn van WikiLeaks op mogelijke schade voor de VS.

Een bijna onmogelijke klus die toont hoe prematuur eind november de reacties op publicatie van de eerste stukken waren. De regering-Obama zei dat mensenlevens in gevaar waren. Opgewonden conservatieven riepen dat WikiLeaks-oprichter Julian Assange een terrorist is die vermoord moet worden. Maar wat er precies in al die stukken stond, moesten ze op het ministerie van Buitenlandse Zaken nog gaan bekijken.

WikiLeaks heeft zelf nog altijd maar zo’n 2.400 ambtsberichten gepubliceerd. En het begin van het Nederlandse deel van het raadsel werd gisteren opgelost door RTL Nieuws en NRC Handelsblad (later de NOS). Het was geen breaking news in de VS. Er gingen geen woordvoerders achter een microfoon staan voor een gedragen verklaring. Nederland behoort nu eenmaal niet tot de landen waarop Amerikanen het vizier hebben gericht. Op veel ministeries valt het onder de afdeling ‘Allo’: All Other Countries.

Dit neemt niet weg dat de WikiLeaks-saga onder diplomaten – en daar heeft Washington er veel van – nu al maanden met pijn in het hart wordt gevolgd. Een „doodsteek voor ons vak”, noemde een Europese gezant het aanhoudende lekken van documenten eind vorig jaar. Zij merkte dat Amerikaanse ambtenaren door WikiLeaks zo voorzichtig worden „dat het bijna geen zin meer heeft contact te houden”. Een paar maanden later merken diplomaten dat de noodzaak deals te sluiten het wint van de angst voor lekken. Maar dat WikiLeaks de belangen van de VS schaadt staat vast, zegt beroepsdiplomaat L.Paul Bremer III, die onder George W. Bush de Amerikaanse missie in Irak leidde. In de jaren tachtig, periode van kruisraketten en Hollanditis, was hij ambassadeur in Den Haag.

„Diplomatie is een manier om elkaar beter te leren kennen”, zegt Bremer. „Je legt elkaar achter gesloten deuren uit wie je bent. Dat soort vertrouwelijkheid is nodig voor wederzijds begrip.”

En het is een feit dat de VS door de gelekte ambtsberichten minder informatie krijgen. Het probleem speelt vooral in „minder open maatschappijen”, zegt Bremer. Landen als China of Jemen. „Daar zijn mensen nu bang dat ze hun mening later in de krant terug zullen lezen.”

Tegelijk kennen de VS de praktijk van zogenoemde tell all-boeken, waarin politici en ambtenaren na hun vertrek tot in de details beschrijven hoe het er binnen de overheid aan toegaat. Bremer zelf schreef zo’n boek over Irak. „Maar daarin schrijf ik niets over hoe ik Washington over mijn vertrouwelijke contacten informeerde.’’

Maar Irak is niet vergelijkbaar met Nederland, zegt Bremer. Hij betwijfelt of de Nederlandse relatie met de VS zal lijden onder de onthullingen. „Nederland is zo’n open land. Ik geloof niet dat er in ambtsberichten van de ambassade zaken staan die – in grote lijnen – niet allang bekend zijn.”

Wel rijst in Washington de vraag of de ambassadeur van de VS in Nederland, Fay Hartog Levin, niet een fout beging door vorig jaar opvattingen van koningin Beatrix over de verlenging van de Nederlandse militaire missie in Afghanistan in een ambtsbericht op te nemen. „Het zal moeilijk zijn”, zou Beatrix tegen Hartog over de missie hebben gezegd, maar het moet.

Hartog, in Washington omschreven als schichtig, is geen beroepsdiplomaat. Ze dankt haar benoeming aan financiële steun die ze Obama gaf. Ze is familie van Carl Levin, die als voorzitter van de Defensiecommissie een van de machtigste senatoren van Washington is.

Bremer geeft geen commentaar op het feit dat Hartog een opinie van Beatrix in een ambtsbericht citeerde. Maar Amerikaanse diplomaten met kennis van zaken wijzen erop dat het praktijk is opvattingen van leden van het koninklijk huis ongenoemd te laten in de communicatie met Washington.

„Iedereen die op de ambassade gaat werken, en iedereen die in Den Haag op bezoek komt, krijgt uitleg over de monarchie en de beperkingen die ons dat oplegt”, aldus een Amerikaanse diplomaat die eerder in Den Haag diende.

Een van de vuistregels is dat ze in Washington niet de indruk mogen krijgen dat de monarch politieke relevantie heeft. Bijkomend voordeel is dat leden van het koninklijk huis nooit in problemen kunnen komen door hun contacten met Amerikaanse vertegenwoordigers. Zo gebeurde het dat Jesse Jackson in de jaren tachtig tot een rechtzetting werd dwongen toen hij na een gesprek met Beatrix opvattingen over de kruisraketten aan het staatshoofd toeschreef.

„Ik vrees dat de huidige ambassadeur de regels nog niet goed kende toen ze vorig jaar bij Beatrix op bezoek ging”, zegt de voormalige diplomaat. „Anders zou ze zich wel twee keer bedacht hebben.’’