Beeldend verteller met rake frappes

Blessuretijd, door Daniël Arends. Gezien: 14/1 in de Kleine Komedie, Amsterdam. Tournee t/m 27/5. Inl. comedytrain.nl ****

Cabaret met een snookertafel, dat hadden we nog niet gezien. In het nieuwe programma van Daniël Arends, dat gisteravond in première ging, staat het ding centraal op het toneel. En af en toe neemt hij de keu ter hand om een balletje te stoten. Om die bezigheid vervolgens te vergelijken met situaties uit het dagelijks leven. Daarin is immers vaak dezelfde concentratie en doelgerichtheid nodig als aan die tafel.

Zo associeert Arends, die in 2006 het Cameretten-festival won, in Blessuretijd het één aan het ander vast. Maar dat klinkt hierboven braver dan het is. In zijn optreden is hij een originele geest die volkomen ontspannen op het toneel lijkt te staan en in alle rust naar de volgende grappige redenering toe werkt. Dat dat soms even duurt, is bij hem zelden bezwaarlijk. Hij is geen grappenkanon, maar een beeldend verteller wiens verhalen telkens worden opgesierd met rake formuleringen en meestal worden afgerond met een rake frappe.

Er zijn er, zegt hij, die hem beschuldigen van arrogantie – blijkbaar wegens zijn zelfverzekerde houding. Maar dan moeten we wel weten dat hij altijd al arrogant was, ook toen hij nog niet optrad: „Dat u niet denkt dat roem iets met mij doet”.

Dat is de quasiserieuze zelfspot van iemand die zich even later afvraagt waarom er zo veel mensen bij hem in de zaal zitten. „Ik zou net niet naar mezelf gaan”, verkondigt hij, om zich dan terloops af te vragen waarom ‘net niet’ veel sneuer is dan ‘bijna’, terwijl het toch zo goed als hetzelfde betekent. En daarna: „’t Is wel goed wat ik doe, maar ik zou er net niet heen gaan”.

Arends is onvoorspelbaar en kan in zijn interacties met het publiek ook uitstekend improviseren. Het is, kortom, goed wat hij doet.