Autoriteit WikiLeaks taant

Diplomatenpost

Website WikiLeaks kampt met toenemende kritiek en concurrentie. Maar intussen maken ambtenaren in Washington overuren om te zien hoe groot de schade is.

Op het jaloersmakende uitzicht op het Oslofjord na, oogt de redactie van de Noorse krant Aftenposten als alle andere. Mensen achter computers. En net als op andere krantenredacties wereldwijd, valt om de haverklap het magische woord ‘WikiLeaks’.

Maar de autoriteit van WikiLeaks taant, als het gaat om het publiceren van geheime documenten. Vorig jaar was de website vrijwel steeds in het nieuws dankzij de publicatie van grote hoeveelheden Amerikaanse staatsstukken, waarvoor oprichter Julian Assange behalve enige kritiek vooral lof oogstte. Dit jaar overwegen de negatieve verhalen over WikiLeaks en dienen zich concurrenten aan.

Zo kreeg Aftenposten eind 2010 dezelfde reeks Amerikaanse diplomatieke telegrammen in handen als waarover WikiLeaks beschikt. En net als WikiLeaks publiceert Aftenposten een deel van de telegrammen op zijn website. WikiLeaks gaf vijf toonaangevende media (The New York Times, The Guardian, Le Monde, Der Spiegel en El País) inzage in de kwart miljoen vertrouwelijke stukken. Aftenposten deelt de toegang tot de diplomatieke post onder andere met NRC Handelsblad.

Maar Aftenposten wil geen tweede WikiLeaks te worden, zegt plaatsvervangend hoofdredacteur Ole Erik Almlid in Oslo. De reden dat hij samenwerking aangaat met „gelijkgestemde” media is behalve idealistisch ook praktisch. Almlid: „Het is zo’n enorme hoeveelheid dat je dat vanuit journalistiek perspectief eigenlijk alleen maar goed kan doen als je samenwerkt”. Vooralsnog werkt Aftenposten alleen samen met Svenska Dagbladet uit Zweden, Politiken uit Denemarken en NRC Handelsblad en RTL Nieuws in Nederland.

Almlid zegt dat voor de partners „uiteraard” volledige vrijheid van handelen geldt: „Als wij elkaar eenmaal vertrouwen, stellen wij geen enkele beperking. Iedereen moet met de documenten omgaan zoals hij met iedere andere bron omgaat waarmee we als krantenbedrijf dagelijks te maken hebben. Dus: inschatten, bronbescherming, checken, duiding geven en nieuws brengen.”

WikiLeaks daarentegen legt zijn samenwerkingspartners embargo’s op, en mogelijk nog meer restricties. De media waarmee WikiLeaks samenwerking aanging, zijn gehouden aan een contract waarin ook staat dat zij niet naar buiten mogen brengen wat zij met WikiLeaks hebben afgesproken. Precies dat gebrek aan transparantie speelt WikiLeaks parten. Het is hypocriet dat een website die van staten absolute openheid verlangt, in alle talen zwijgt wanneer het op zijn eigen organisatie aankomt – luidt de kritiek. En ook de Zweedse aanklacht tegen voorman Assange, wegens verkrachting en molest, deed de reputatie van WikiLeaks geen goed.

En dan was daar de ruzie met mediapartner The Guardian. Het tijdschrift Vanity Fair meldde deze maand dat Assange woedend was toen The Guardian langs een andere weg toegang kreeg tot de Amerikaanse diplomatieke post. In oktober kreeg een Britse freelancejournalist alle ambtsberichten in handen via een voormalige medewerker van WikiLeaks.

Een medewerker van WikiLeaks vertelde deze krant dat ook Aftenposten de documenten heeft gekregen van oud-medewerkers van de website, en daarvoor heeft betaald. Aftenposten ontkent dat. „Er is op geen enkele manier betaald voor de stukken. Ook zijn er geen beperkende voorwaarden gesteld”, zegt Almlid. „We hebben deze stukken gekregen van een bron waarover ik niets kan en wil zeggen. Belangrijk is dat we absoluut geen mediapartner van WikiLeaks zijn en niet gebonden aan wat voor embargo’s dan ook. Ik vind dat ook principieel onjuist: de stukken zijn niet van WikiLeaks, ze zijn van de Amerikaanse diplomatieke dienst.”

Daar dacht Assange anders over, getuige zijn telefoontjes naar de redactie van Aftenposten nadat hij vlak voor Kerst had gehoord dat de krant de ambtsberichten in handen had.

Assange lijkt in paniek. Hij kwam in Groot-Brittannië op borgtocht vrij en draagt een elektronische enkelband. Hij vreest na uitlevering aan Zweden uitlevering aan de Verenigde Staten, die hem willen berechten voor het lekken van staatsgeheimen. De organisatie van WikiLeaks kreeg tussen Kerst en Nieuwjaar bovendien een zware klap toen tientallen vrijwilligers overliepen naar OpenLeaks, de website die WikiLeaks naar de kroon steekt. OpenLeaks, geleid door een voormalige WikiLeaks-medewerker, de Duitser Daniel Domscheit Berg, wil op korte termijn beginnen met het publiceren van gevoelig en vertrouwelijk materiaal.

Op de WikiLeaks-site stokte de stroom berichten op woensdag 5 januari. Er verscheen een week lang niets. Donderdag publiceerde WikiLeaks plotseling weer twintig stukken. Assange zei deze week dat de site het tempo van publicatie zou opvoeren, samen met zijn mediapartners, en dat WikiLeaks gaat samenwerken met nog meer media, „ook kleinere”.

Intussen probeert WikiLeaks controle te houden. Nadat gistermiddag bekend werd dat RTL Nieuws en NRC Handelsblad inzage hebben in alle documenten, gaf WikiLeaks de Nederlandse publieke omroep NOS direct toegang tot de uit Nederland verstuurde telegrammen.