Mijn eerste gerecht

Je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen. Met koken dan, bij het roken van zware shag ligt dat weer heel anders. Kijk, ik ga niet beweren dat ik al foutloze meringues afleverde toen ik vijf jaar was. Of dat ik wist hoe ik aardappelen moest koken toen ik zestien was; mijn moeder was de onbetwiste kok bij ons thuis, zij het niet per se van het keukenprinsessensoort.

Maar in het leven van vrijwel iedereen breekt het moment aan dat zelf koken aantrekkelijk wordt – daarbij laat ik het kinderritueel van samen koekjes bakken en je misselijk eten aan het deeg even buiten beschouwing.

Mijn eerste ‘echte’ gerecht was tomatenfondue, iets dat het midden houdt tussen tomatensoep en kaasfondue. Jaren gedacht dat het een verzinsel was van een of andere hobbykok, maar ze blijken het in Zwitserland al eeuwen te eten. Ik weet niet meer waar ik het recept vandaan had, maar het is opgeschreven en bewaard gebleven.

De gelukkige proefkonijnen waren mijn oudere zus en een vriendin van haar. Mijn ouders waren er niet, zij gingen uit, en ik ging voor ze koken. Althans, ik: ik moest bijna alles eerst aan mijn zus vragen. Ze wist ook alles, behalve wat een ‘teen’ knoflook is: zo’n hele bol of een enkel partje? Ik besloot de anderhalve bol die ik in mijn handen had er dan maar helemaal in te gooien – zonder dat verder met mijn zus te overleggen, die maar niet kon begrijpen waarom iedereen die avond zo op afstand bleef.

Het recept is desalniettemin onderdeel van het repertoire gebleven, en van hoeveel prille schreden kun je dat nou zeggen – niet van mijn bananensoufflé in ieder geval, mijn tweede probeersel.

Ik geef het oorspronkelijke-want-bewezen-succesvolle-recept, hoewel ik inmiddels weet dat de echte ‘oorspronkelijke’ versie minder op een met kaas verzadigde roux lijkt. Dat is eerder een verse tomatensaus waar je met behulp van wat maïzena heel veel kaas doorheen smelt.

Tomatenfondue voor vier personen:

2 uien

2 tenen knoflook

100 gr roomboter

100 gr bloem

2 blikjes tomatenpuree

8 dl groentenbouillon

1 pond geraspte, pittige kaas (belegen Hollandse kaas als Beemster, of oude Goudse, maar half/half gruyère en emmentaler kan natuurlijk ook).

peper, paprikapoeder

takjes tijm, takjes peterselie.

Smelt de boter in een diepe pan met een dikke bodem, en fruit daarin de gesnipperde uien. Voeg na een paar minuten de gehakte knoflook toe en laat die nog een minuutje meezweten.

Gooi dan de bloem erbij, laat die even doorgaren, en roer vervolgens de inhoud van de blikjes tomatenpuree erdoorheen. Daarna in scheuten de warme bouillon erbij, en telkens goed roeren tot alles is opgenomen. Rits de tijmblaadjes daarbij. Ten slotte de geraspte kaas erbij en die af en toe roerend laten smelten. Gehakte peterselie erbij, peper, klaar.

Brood is natuurlijk lekker om te dopen, maar ook allerlei andere bekende fonduedippers zoals ham, wortel, selderij, komkommer, etc.

Maandag: Klary Koopmans, dinsdag: Menno Steketee, woensdag: Roos Ouwehand, donderdag: Stéphanie Versteeg, vrijdag: Joël Broekaert of Elsje Jorritsma.