Druiventaart in lagen

Het is wel jammer van de winter, ik vond die kou heerlijk. „Ik niet”, zei de schoorsteenveger die pikzwart uit mijn kachel kwam kruipen. Als je het dak op moet zijn spekgladde pannen geen voordeel. Hetzelfde geldt ongetwijfeld voor iedereen die slecht ter been is – trottoirs in de stad werden levengevaarlijke hindernisbanen met al

Het is wel jammer van de winter, ik vond die kou heerlijk. „Ik niet”, zei de schoorsteenveger die pikzwart uit mijn kachel kwam kruipen. Als je het dak op moet zijn spekgladde pannen geen voordeel.

Hetzelfde geldt ongetwijfeld voor iedereen die slecht ter been is – trottoirs in de stad werden levengevaarlijke hindernisbanen met al die bevroren sneeuw. Ik zag iemand die zijn stoep sneeuwvrij maakte met een emmer heet water en een bezem. Die dacht er waarschijnlijk niet aan dat er een uur later een schitterende ijsbaan voor zijn deur zou liggen.

Enfin, het lijkt alweer lang geleden. Dat is wel wonderlijk, hoe zelfs het weer van een week geleden alweer onvoorstelbaar is.

Wat eten betreft, daar gaat het hier tenslotte over, maakt het niet zoveel uit. Toen het koud was, was het gezellig om binnen iets te doen, en nu het zulk nat, grijs weer is, is het dat ook.

Ik weet wel dat we van de week al chocoladecakejes hadden, maar de taart die ik nu ga voorstellen is echt iets voor een regenachtige dag. Hij is in twee lagen en met crème ertussen en erg mooi en leuk en feestelijk – in januari moet je af en toe even iets echt feestelijks doen, anders is het zo katterig na die decembermaand vol lichtjes en champagne.

Een glaasje champagne kan er heel goed bij trouwens.

Verwarm de oven op 180 graden.

Breek de eieren in een grote kom, voeg de suiker en het zout toe. Zet de kom op een pan heet maar niet kokend water. Klop met een elektrische mixer zo’n 10 tot 15 minuten, tot het mengsel bleek wordt en verdubbelt in omvang.

Laat de 200 g boter smelten – hij moet wel gesmolten maar niet erg warm zijn.

Zeef de bloem in porties boven de geklopte eieren en vermeng alles steeds rustig met een houten lepel. Meng er ook de gesmolten boter doorheen.

Vet twee vormen in van 24 cm doorsnee. Verdeel het beslag over die twee vormen en zet ze in het midden van de oven. Bak ze plusminus een half uur, controleer even met een scherp mes of een breinaald of ze gaar zijn. Haal de taarten uit hun vormen en laat ze afkoelen op een rooster.

Maak de crème terwijl de taarten bakken. Laat in een pannetje op laag vuur de poedersuiker smelten in de witte wijn tot een soort zalf. Laat even afkoelen en roer er dan de crème fraîche door en de helft van de amandelsnippers. Laat helemaal afkoelen.

Bouw nu de taart op. Bedek de bovenkant van de eerste taart met een laag crème en schik daar bovenop ongeveer de helft van de druiven.

Zet de tweede taart op de druiven en besmeer ook daarvan de bovenkant met de crème. Schik de rest van de druiven erop en bestrooi die met de rest van de geschaafde amandelen en met wat poedersuiker.

Zorg dat de taart ruim op tijd klaar is, zet hem op een mooie schotel en geef de eters de tijd om ‘oh’ en ‘ah’ te roepen. Dat is belangrijk. Dan vergeet je dat het stom weer is.

Druiventaart in lagen

Voor 8 porties

6 eieren

200 g suiker

½ tl zout

200 g boter plus wat extra om de vormen in te vetten

200g bloem

Voor de garnering:

300 g poedersuiker

3 el zoete witte wijn

50 g crème fraîche

100 g geschaafde amandelen

1 pond blauwe druiven