Afscheid van de kruk van Toon

Ik reageer op het artikel in het Cultureel Supplement van 30 december 2010 [over de kruk van Toon Hermans, red.] omdat met het commentaar van Maurice Hermans een aantal personen, onder wie Toon zelf, tekort gedaan wordt. Dat Maurice Hermans gemakshalve Des Bouvrie noemt als aangever van Toons favoriete meubelstuk gaat mij te ver.

In 1974 woonden Toon en Rietje in de Stokstraat in Maastricht. Maurice had zijn platenwinkeltje recht tegenover een van de meest legendarische woonadvieswinkels van Nederland, Intervorm, gerund door Herman Zeekaf, door Wim Quist recentelijk nog geroemd als een van de meest integere ontwerpers naast Benno Premsela.

Rietje had een schare kunstenaars om zich heen verzameld, die zij ontving aan de keukentafel en Intervorm was het platvorm waar schilders en ruimtelijk vormgevers konden excelleren.

Ondergetekende maakte dit alles van nabij mee, omdat ik sedert 1962 in de leer was bij Herman Zeekaf. Op een zondag in juni zou er een tentoonstelling geopend worden door Toon Hermans zelf. Het betrof werk van Toon Leenmans, een Maastrichtse bloemsierkunstenaar die zijn werk tussen grote glazen platen presenteerde.

Met het zweet in mijn handen probeerde ik Toon vast te leggen door de glazen platen heen. Ik heb de waterige negatieven nog, maar het ijs was gebroken en de dinsdag erna stapte Toon de winkel binnen met de mededeling dat hij een kruk zocht voor zijn show.

Ik vermoed dat zijn oog viel op een fauteuil van Harry Bertoia, in de jaren zestig een volslagen onbekende ontwerper voor de rest van Nederland. Enige weken later kwam de kruk binnen en ben ik ermee naar Eindhoven gereden, waar ik een eerste liveoptreden van Toon mocht meemaken en een product van de door mij verafgode Bertoia de bijnaam Frituurmandje kreeg.

Chapeau Toon, chapeau Herman Zeekaf.