Waarom wordt New York 'The Big Apple' genoemd?

„Waarom wordt New York City ‘The Big Apple’ genoemd”, vraagt Frances Rugebrecht uit Groningen. Ze komt de bijnaam vaak tegen in films en op websites. „Wat is nu het verband tussen de appel en de stad?”

Failliete zakenlui op Wall Street zouden tijdens de Grote Depressie appels verkopen om rond te komen. En dat deden zij in de straten van New York. Maar of daar nu deze bijnaam ontstond?

Wat we wel zeker weten is dat het in New Orleans was dat de naam ‘Big Apple’ voor het eerst verbonden werd aan New York. Aldus Russell Shorto. Hij is directeur van het John Adams Institute in Amsterdam (dat Amerikaans cultuurgoed verspreidt in Nederland) en auteur van het boek The Island at the Center of the World.

Begin jaren 20 lag er in New Orleans een paardenrenbaan: Fair Grounds Race Track. In de stallen werkten zwarte mannen. En zij spraken over The Big Apple als ze de grote paardenrenbanen in New York bedoelde. Want in die grote stad konden de renners het écht grote geld verdienen: The Big Apple.

Maar hoe is die paardenrenterm algemeen geworden? Daar zijn verschillende theorieën over, zegt Shorto. Veel zwarten uit New Orleans verhuisden naar het noorden van het land en de bijnaam voor de New Yorkse paardenrenbanen namen zij mee. Begin jaren 30 duikt de term op onder zwarte jazzmuzikanten uit Harlem. Zij zijn de eersten die New York City The Big Apple noemden. Zij zagen hun stad als hét centrum van de jazzwereld. Shorto: „Er zijn overal paardenrenbanen en jazzsteden. Maar er is maar een Big Apple: één New York.”

Een andere theorie over de verspreiding van de naam komt van de Amerikaan Barry Popik. En hij wordt gezien als dé expert op het gebied van de historie achter bijnamen van steden. Volgens hem is de journalist John. J. Fitz Gerald de eerste. In een column in The New York Morning Telegraph van 18 februari 1924 schreef Fitz Gerald over The Big Apple – New York City, na een bezoek aan de paardenrenbaan in New Orleans: „The Big Apple is de droom van iedere jongen die ooit zijn been over een volbloed wierp, het is het doel van alle ruiters. There’s only one Big Apple. That’s New York.”

De bijnaam kreeg pas echt bekendheid in de jaren 70, toen de appel centraal onderdeel werd van een reclamecampagne van de gemeente New York. Volgens Mars van Grunsven, New York-correspondent voor de Groene Amsterdammer, werd de stad in die tijd steeds gevaarlijker. „De rode appel moest het imago van de stad opvrolijken.”

Eva Oude Elferink