Voor lezers bejaardenblad 'Plus' staat de kist al klaar

Met Jan Nagels nieuwe partij 50Plus is de bejaarde weer hot. Maar is iedere babyboomer bejaard? Het blad Plus richt zich vooral op gepensioneerden.

Dit is de week van plus. Jan Nagel roert zich weer. Met 50Plus. We zijn een doelgroep. Ja, ‘we’. Ik ben een babyboomer en sinds een jaar of tien, vijftien heeft mijn generatie het gedaan. Al die tijd vraag ik me al af wat precies, behalve tussen 1946 en 1955 geboren worden. Als we afgaan op het dominante verwijt is het dat wat we verkeerd hebben gedaan: tussen 1946 en 1955 geboren worden.

Nou, mea culpa hoor. Duizend excuses.

Plus is intussen hot, Marcel van Dam voorspelt voor Nagels 50Plus een grote verkiezingswinst. Ouderen, zo rekent hij voor, zijn al jarenlang kind van de rekening. Het wordt tijd dat ze eens voor zichzelf opkomen.

Tijd voor Plus dus. Het maandblad dat meer dan 1 miljoen lezers heeft, zoals het trots vermeldt op het omslag. Wie zijn dat? ‘Plus’ zou eens gedefinieerd moeten worden. Nagels partij heet 50Plus, maar wordt vooralsnog bemand door zeventigers. Moeten we trouwens niet sowieso afspreken dat plussers 70-jarigen en ouder zijn, in overeenstemming met de gestegen levensverwachting?

Het blad Plus blijft ook zo vaag: is het voor 50+, 60+, 70+? Geen idee. Nergens een beginselverklaring te bekennen, wel de aankondiging van een nieuwe serie: 80-plussers over hun binnenwereld. Jakkes. Een hele opluchting dat het deze eerste keer een interview met schilder, dichter en beeldhouwer Armando (1929) betreft. De drang om te werken wordt bij hem eerder groter dan kleiner, hij heeft nergens spijt van, leeft met een dertig jaar jongere vrouw en leeftijden zeggen hem niets. Hij lijkt wel dertig, Armando, en dat zegt hij ook: „Dat is niet anders dan toen ik 30 was”.

Te oordelen naar de thema’s die Plus aanroert, is het een blad voor gepensioneerden. Er is althans een enorme afdeling ‘Op stap’: met Ronald Naar in Lapland, een recept voor Finse glühwein, de warmste schoenen, een reiswijzer, de reis van mijn leven. Ook is er, iets bescheidener, aandacht voor gezondheid. En relevant ook: een artikel over de zoektocht naar een vaccin tegen alzheimer. De ‘dokterspost’ is van een vrouw van 88 over de naweeën van een heupoperatie, van een man van 72 die hoest en argeloos informeert of dit kan komen doordat hij rookt, een vrouw van 67 met een bacterie en, eerlijk is eerlijk, ook een van 49 jaar, die nachtdiensten draait en met slaapgebrek kampt.

Klapstuk lijkt een interview met actrice Renée Soutendijk (1957, geen babyboomer, ze is onschuldig), althans haar gezicht siert het omslag. Ze spreekt zinsneden uit als: „Ik liep toen tegen de veertig...”, „Ik weet na 35 jaar wel...” en: „Ik wil actief in het leven blijven staan...”. Je zou bijna denken dat haar kist al klaar staat. Maar dat is niet haar schuld.

Dat Plus, het hoge woord moet er maar uit, is een mutsenblad. Alles staat in de geest van ‘nu het nog kan, geniet er maar van’. Wat voor zelfbeeld hebben die miljoen lezers? Ongetwijfeld dat ze op sterven na dood zijn en anders praat Plus hun dat wel aan.

Het onthullendst zijn de advertenties. Wie op zoek is naar sta-op fauteuils („in 4 stappen een gratis demonstratie bij u thuis!”), trapliften („de fiscus betaalt mee!”) of klikgebitten („Ik ben weer helemaal mijzelf”), kope Plus.

Pieter Kottman