Tafelen op Bali kan riskant zijn

De zaak-Julio Poch heb ik steeds gefascineerd gevolgd.

Een Argentijnse piloot wordt in Spanje op de laatste dag van zijn ruim twintigjarige dienstverband bij Transavia gearresteerd op verdenking van deelname aan dodenvluchten: het uit vliegtuigen gooien van politieke tegenstanders van de Argentijnse dictatuur in de jaren tussen 1976 en 1983. Hij ontkent, maar Spanje levert hem toch uit aan Argentinië, dat nu moet beslissen over vervolging.

De twee Nederlandse collega’s van Poch die de zaak aan het rollen hebben gebracht, lijken aan een media-offensief begonnen. Gisteravond bij Pauw & Witteman op tv, vanmorgen in de Volkskrant. Zij voelen zich in het nauw gebracht, vooral door de berichtgeving in De Telegraaf die partij heeft gekozen voor Poch.

Zo mochten we eindelijk uit de eerste hand kennisnemen van de getuigenissen van deze twee vliegers, Tim Weert en Edwin Reijnoudt Brouwer. Cruciale vragen konden worden beantwoord. Vooral: wat was er volgens hen door Poch precies gezegd tijdens dat informele pilotendinertje op Bali?

Dit: „We threw them in the sea.” „They were terrorists! They didn’t deserve better!” „We should have killed them all!” En op de vraag of het niet erg inhumaan was: „They were drugged, you know.”

Deze als zelfrechtvaardiging klinkende tegenwerpingen kwamen me uiterst bekend voor. In het voorjaar van 1978 was ik als verslaggever van de Volkskrant in Argentinië. Officieel om het wereldkampioenschap hockey te verslaan, maar vooral om de politieke situatie te peilen met het oog op het naderende wereldkampioenschap voetbal. Als buitenstaander belandde je daar in een politiestaat, waar tegenstanders van het regiem doodsbang waren om met je te praten – wat ze soms overigens tóch deden. Ze vertelden over censuur, arrestaties en verdwijningen.

Voor de andere kant van het verhaal kwam je terecht bij Argentijnse collega’s, diplomaten en ook wel gewone burgers. En dan hoorde je vaak: het zijn linkse terroristen, ze plegen wrede aanslagen, Argentinië moet zich verdedigen. Het was voor een deel nog waar ook: de verzetsbeweging van de Montoneros was weinig kieskeurig in haar methoden.

Kortom, wat Poch tegen zijn Nederlandse collega’s heeft gezegd was destijds het standaardverweer van het Argentijnse establishment. Maar dat maakt hem nog niet tot een actief deelnemer aan de staatsterreur. Als hij zegt: „We threw them in the sea”, kun je hem ook zien als iemand die deel was van de gevestigde orde en daar nog steeds het idioom van hanteert. „We”. Wij Argentinië. Ja maar, zeiden De Weert en Reijnoudt Brouwer tegen Pauw en Witteman, je moet het ook zien in de context van zijn lichaamstaal tijdens dat diner. Poch reageerde opgefokt, werd kwaad op hen, zo hadden ze hem niet eerder meegemaakt. Maar daar zal de Argentijnse justitie niet veel verder mee komen. Uit niets bleek dat de twee Nederlandse piloten bij hun collega hebben doorgevraagd: „Begrijpen we je goed: heb je zélf deelgenomen aan die tochten? Hoe en waar?” Dat het daar tijdens dat diner niet van kwam, is nog wel te begrijpen, maar ze hadden het toch ook nog daarna kunnen proberen voor ze hun ervaringen bij hun baas meldden?

Als de Argentijnse justitie geen hardere bewijzen tegen Poch vindt, zal hij niet veroordeeld kunnen worden.