Mogelijk lek bij Canadese CO2-opslag

Een van de grootste ondergrondse opslagplaatsen voor kooldioxide in de wereld, in het Weyburn-olieveld in Canada, is mogelijk aan het lekken.

Dat blijkt volgens Canadese kranten uit een onderzoek in opdracht van de eigenaar van een stuk grond boven het olieveld, in de staat Saskatchewan.

De Canadese energiegigant Cenovus injecteert sinds 2004 kooldioxide (CO2) in het olieveld Weyburn, tot nu toe 16 miljoen ton. Doel was om de druk op het olieveld te vergroten, waardoor de olie gemakkelijker winbaar wordt, tegelijk werd een bijdrage geleverd aan vermindering van de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer.

Een van de CO2-injecties had plaats op ruim een kilometer van het grondstuk van het echtpaar Kerr. Een jaar later ontdekten zij veranderingen in het wateroppervlak. In ondiepe poelen borrelde een schuimend gas op. De algengroei nam toe en op sommige plaatsen kwam een blauwige film over het water te liggen. Ook werden verschillende dode dieren in de buurt van het water gevonden.

Cenovus deed onderzoek, maar concludeerde dat er geen verband bestaat met de CO2-injecties. Ook wijst het bedrijf erop dat geen enkele andere boer in de omgeving soortgelijke klachten heeft. Uitgebreide rapportage in de periode 2000-2004, door onafhankelijke organisaties, zou bovendien hebben aangetoond dat er geen CO2 door de 1400 meter dikke rotsformatie naar boven kan komen.

Maar een onderzoek door een onafhankelijk adviesbureau, in opdracht van de Kerrs, komt tot een andere conclusie. Volgens onderzoeker Paul Lafleur van Petro-Find Geochem is de concentratie van CO2 in de bodem (meer dan 23.000 deeltjes per miljoen (ppm) met pieken tot 110.000 ppm) vele malen groter dan gemiddeld in dit soort grond. Bovendien zou isotopenanalyse van het gas aantonen dat het gaat om dezelfde samenstelling als de geïnjecteerde CO2.

Onderzoekers van het Nederlandse CATO-2 programma, dat de mogelijkheden bekijkt van CO2-opslag in Nederlandse bodem, sluiten niet uit dat er sprake is van een lek. Om dat goed te kunnen beoordelen, is echter meer informatie nodig. Maar ze maken zich niet direct zorgen.

„De situatie in Canada laat zien dat goed monitoren belangrijk is”, zegt Sander van Egmond van CATO-2. „Maar in Canada gaat het om injecties in een olieveld, in Nederland om gasvelden.” Van olievelden is niet zeker dat ze gasdicht zijn, voor de Nederlandse gasvelden bestaat wat dat betreft een veel zwaarder geologisch bewijs.