Staat mag asielgezin niet uit elkaar halen

De Staat mag kinderen niet scheiden van hun uitgeprocedeerde ouders. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag gisteren bepaald in de zaak van de Angolese kinderen Mario (11), Rita (9) en Rafaela (2) en hun moeder Louisa.

Kinderen mogen volgens het hof niet de dupe worden van het gedrag van hun ouders.

Het is een verstrekkende uitspraak, die verder reikt dan alleen deze drie Angolese kinderen. Nederland mag kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers niet zomaar op straat zetten. Dat is „inhumaan” en daarmee „onrechtmatig”. Daarmee bevestigt het hof een zogenoemd tussenarrest van 27 juli 2010. Maar, en dat is nieuw, de rechter heeft nu ook bepaald dat het gezin niet uit elkaar mag worden getrokken. Bijvoorbeeld door de kinderen in een pleeggezin te plaatsen, terwijl de moeder wordt uitgezet, zoals de Staat had voorgesteld. Dat zou tot scheiding van moeder en kinderen leiden en „een dergelijke inbreuk is niet geoorloofd”.

Minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA) beraadt zich nog of hij in cassatie gaat tegen de uitspraak. „Voorop staat dat het gezin Ferreira geen recht heeft op asiel in Nederland”, zegt een woordvoerder. De kinderen en hun moeder blijven in de uitzetlocatie in Ter Apel. De kinderen gaan daar naar school.

De Staat houdt vast aan het beleid om uitgeprocedeerde asielzoekers uit te zetten, ook als dat kinderen zijn. Onder meer het Europees Sociaal Comité heeft Nederland daarvoor op de vingers getikt. Toenmalig minister Hirsch Ballin (CDA) heeft die kritiek destijds naast zich neergelegd.

De advocaat van de familie, Gerrit Jan Pulles, noemt de uitspraak een „mooie aanvulling op het eerdere arrest”. Hij is benieuwd wat Leers zal doen. „De politieke wind is nu wat strikter.” De PVV wil „zo snel mogelijk” een spoeddebat met Leers over deze kwestie, zegt PVV-Kamerlid Fritsma.

Als de Staat in cassatie gaat, dan duurt het volgens Pulles minstens een jaar voordat er een nieuwe uitspraak is. Het gezin in zijn geheel uitzetten is onmogelijk.