Portugal wacht met lenen tot na verkiezingen

De regering van Portugal hoopt een mogelijke noodlening uit te stellen tot na de verkiezingen. Er is kans op een rechtse president én premier.

A shop window with the words "with crisis, no crisis, our prices are always unbeatable" is seen in Porto's Baixa shopping district, Portugal Wednesday, Nov. 17, 2010. EU finance ministers struggled Wednesday to hammer out a rescue plan to keep the market turmoil from spreading to Portugal and Spain. (AP Photo/Paulo Duarte) AP

Merijn de Waal

Al maanden voordat de financiële markten Portugal na een kort Kerstbestand weer op de korrel namen, werd in financiële kringen in Lissabon gerekend op een redding van het land. „Eigenlijk is de situatie nu al onhoudbaar”, stelde een bankanalist eind oktober, toen de rente nog rond de 6 procent schommelde. „Maar eerst zijn de Ieren nog aan de beurt.”

De Portugese regering bleef ook deze week stellig ontkennen dat ze het Ierse voorbeeld gaat volgen en een beroep doet op het euronoodfonds van de EU en Internationaal Monetair Fonds (IMF). Maar achter de schermen zouden hiertoe reeds de voorbereidingen worden getroffen. Zo meldde de Brusselse correspondent van de Portugese kwaliteitskrant Público gisteren dat het IMF met technisch vooronderzoek is begonnen voor een leningenpakket van tussen de 60 miljard en 100 miljard euro. Volgens het doorgaans goed ingevoerde dagblad zal de hulp komende maandag aan de orde komen tijdens een bijeenkomst van de eurogroep in Brussel, en een dag later tijdens een top van de EU-27.

Hoewel de Frans-Duitse as en de rest van de eurozone de druk nu opvoeren, heeft de Portugese regering goede redenen een hulpaanvraag zeker nog elf dagen tegen te houden. Het land houdt dan presidentsverkiezingen. De rol van de president is in Portugal grotendeels symbolisch, maar de komende stembusgang beperkt de speelruimte van de socialistische minderheidsregering van premier José Sócrates momenteel sterk.

De huidige, centrumrechtse president Aníbal Cavaco Silva zal bijna zeker in de eerste ronde herkozen te worden. Cavaco, een succesvolle ex-premier (1985-’96) en een oudgediende in de Portugese politiek, presenteert zich in zijn campagne als de redder des Vaderlands. Aan de gevel van zijn hoofdkwartier in Lissabon hangt een tientallen meters groot doek waarop hij „geloof in Portugal” belooft. Ook hij ontkende de afgelopen dagen dat het land een beroep moet doen op buitenlandse hulp.

Cavaco’s partij, de centrumrechtse PSD, is de belangrijkste oppositiemacht in het parlement. Haar jonge leider, Pedro Passos Coelho, opereert in deze crisis minder staatsmanachtig dan Cavaco. Deze week riep hij premier Sócrates op af te treden zodra het IMF en de EU ingrijpen. Als het land zo diep is gevallen, heeft Sócrates zijn recht om te regeren verspeeld, stelt Passos. Zeker daar de socialisten geen parlementaire meerderheid hebben.

Het voedt de speculaties over de opstelling van Cavaco ná zijn hoogstwaarschijnlijke herverkiezing. Volgens de grondwet zou de president begin maart, drie maanden na zijn beëdiging, het parlement kunnen ontbinden, gevolgd door vervroegde parlementsverkiezingen.

Nooit eerder sinds de terugkeer naar de democratie (in 1974) leverde rechts in Portugal tegelijkertijd de premier en de president. Volgens peilingen spant het er ook nog om of de PSD en een andere rechtse partij werkelijk een meerderheid zouden halen. Maar hoe verder de financiële crisis zich verdiept, hoe groter de kans dat zo’n dubbele machtspositie binnen handbereik komt, hoopt rechts.

Het is echter helemaal niet zeker of president Cavaco in dit scenario zal meegaan. Hij staat bekend als een gematigd en voorzichtige politicus. Maar onder socialisten leeft groot wantrouwen over de strategie van de rechtse oppositie. Afgelopen november leidde dit al tot een bijna-crisis over de begroting voor 2011. Alleen na grote druk van de markten en Europa werd een compromis bereikt.

Onder de regerende socialisten bestaat diepe onvrede over de ‘rechtse’ crisisaanpak die hun de afgelopen maanden is opgedrongen. Zij vrezen dat bij komende verkiezingen veel kiezers overlopen naar kleinere linkse splinterpartijen.