'Met showgirls werken was een verademing'

Mathieu Amalric, ook bekend als acteur, won de regieprijs van het filmfestival van Cannes. ,,Ik wilde een film maken als een afgeluisterd gesprek.”

Wie de Franse acteur Mathieu Amalric de laatste jaren mocht interviewen, kon hem horen verzuchten dat het voor hem de hoogste tijd was om terug te keren naar zijn ‘echte werk’: regisseren. Bij fijnproevers was bekend dat Amalric, een van de succesvolste acteurs van Frankrijk, enkele veelbelovende lange en korte films op zijn naam had staan. Maar geen daarvan baarde zoveel opzien als Tournée, waarvoor hij vorig jaar op het filmfestival van Cannes de prijs voor beste regie in ontvangst mocht nemen.

In Tournée speelt Amalric zelf de verlopen televisieproducent Joachim Zand, die een Amerikaanse groep burlesque artiesten naar Frankrijk heeft gehaald, waarmee hij door de provincie toert. Hij probeert intussen greep te krijgen op zijn hopeloos chaotische privéleven. De performers inTournée zijn Amerikaanse burlesque artiesten, die optreden onder hun eigen illustere namen als Kitten on the Keys en Dirty Martini. De film lijkt een uit het leven gegrepen verzameling bijzondere momenten, maar steekt geraffineerder in elkaar dan op het eerste gezicht lijkt. Bij de tweede keer zien blijkt Tournée nog beter te zijn dan bij de eerste indruk, en dat is een zeldzaamheid.

De film lijkt helemaal geïmproviseerd.

„Als de film die indruk maakt, is mijn werk geslaagd. Ik heb heel veel tijd en moeite gestoken in het scenario, maar dat mag de kijker niet opvallen. Je moet als filmmaker het scenario verbergen. Dat heb ik geprobeerd door niet het einde te laten zien van de tournee en ook niet het begin, de kijker zit er meteen middenin. Ik wilde dat de film zou overkomen als een gesprek aan een andere tafel in een restaurant waar muziek aanstaat, waardoor je alleen af en toe een flard van de conversatie opvangt. Dan dwing je de toeschouwer om scherp te zijn, zodat nog nét te horen valt wat er wordt gezegd.”

Het is dus maar een illusie dat uw film het leven op de staart trapt.

„Dat heeft vooral te maken met de manier waarop de film is geproduceerd. Wat ik heb ontdekt, is dat je eigenlijk geen onderscheid kunt maken tussen de productie en de regie van een film. De manier waarop een film is geproduceerd, is zo bepalend voor de esthetiek. Als we bijvoorbeeld de voorstellingen in de film alleen maar hadden opgenomen in een studio, met figuranten, in plaats van een échte theatertournee te organiseren, zoals wij hebben gedaan, dan zou je een hele andere film hebben gekregen, veel minder levensecht.

„Gelukkig hadden we helemaal geen geld om veel figuranten in te huren, want dat zou een nachtmerrie zijn geworden. Zonder echt publiek hadden we niet de essentie van de optredens kunnen vangen. Dat is een productiebeslissing, maar het is ook een artistieke beslissing. Hetzelfde geldt voor de accommodaties. We logeerden steeds in dezelfde hotels waarin we ook scènes opnamen. Dat creëert een bijna documentaire-achtige situatie en dat versterkt de intimiteit.”

Was het lastig om met niet-professionele actrices te werken?

„Nee, want dit zijn showgirls. Ze weten wat ritme is en timing, ze begrijpen dat je het publiek steeds moet betrekken bij een scène, dat er een vonk moet overslaan. Dat weten ze allemaal, ook al hadden ze geen filmervaring.”

Uw personage worstelt nogal met zijn twee jonge zoons in de film. Uw kinderen hebben ongeveer dezelfde leeftijd. Zit daar een deel van uw eigen angsten in als opvoeder?

„Ja, maar dat besefte ik eigenlijk pas achteraf tijdens de montage. Als ouder vraag je je altijd af: wat geef ik mee aan mijn kinderen? Wat zal ze bijblijven van mij? Wat draag ik over? Maar dan besef je dat kinderen altijd hun eigen wereld scheppen, dat ze hier en daar meepikken wat ze kunnen gebruiken, en weggooien waar ze niets aan hebben.”