Machtige sportmoloch slankt af

De sportbonden willen af van de dominantie van de koepel NOC*NSF. De moloch zou alleen maar uitdijen en zich centralistisch opstellen. Argwaan bepaalde gisteren het debat over de toekomst.

Sportkoepel NOC*NSF wordt een afgeslankte organisatie die efficiënter gaat werken. Dat werd gisteravond besloten in een extra algemene ledenvergadering. Hoewel de sportbonden de plannen van NOC*NSF fiatteerden, blijven zij het proces met grote argwaan volgen.

Voorzitter André Bolhuis begrijpt die achterdocht niet. En algemeen directeur Gerard Dielessen voelt zich niet serieus genomen. De bonden op hun beurt hebben het gevoel door NOC*NSF niet als een gelijkwaardige partner te worden gezien. Zie hier de vertroebelde sfeer waarin de besluitvorming op het nationale sportcentrum Papendal plaatshad.

En het leek nog wel zo goed te gaan na de revolte van bijna een jaar geleden. De sportbonden – de leden van NOC*NSF – werkten harmonieus mee aan de revisie van hun ledenorganisatie, waartoe zij destijds hadden opgeroepen. Zij grepen de machtswisseling van Bolhuis voor Erica Terpstra en Dielessen voor Theo Fledderus aan om veranderingen af te dwingen. De bonden wilden af van de dominante rol van NOC*NSF. Zij wilden voorkomen dat de koepel te machtig zou worden bij het bepalen van de sportagenda en verdeling van miljoenen voor de sport.

Het grote ongenoegen was vorig jaar vervat in een pamflet dat er niet om loog. De klacht was dat NOC*NSF te centralistisch opereerde en eigen resultaat boven dat van haar leden stelde. De koepel zou maar uitdijen en onvoldoende weten wat er bij de bonden speelde. Die moloch moest teruggebracht worden tot een hoogwaardige, slagvaardige organisatie. En natuurlijk wilden de bonden bij dat proces betrokken worden.

De reformatie verliep ogenschijnlijk voortvarend. Een speciale commissie met leden uit beide kampen – de taskforce – lichtte de organisatie van NOC*NSF door. Er ontstond consensus over de kerntaken, zoals belangenbehartiging van de leden, de begeleiding van topsport en sportontwikkeling, maar ook marketing of de verdeling van Lotto- en overheidsgelden. Over het eventueel afstoten van zogenoemde oneigenlijke taken, zoals het beheer van Papendal en de exploitatie van een hotel en congrescentrum, wordt in een later stadium besloten.

Het proces verliep ogenschijnlijk vreedzaam. Tot de afronding gisteravond bekrachtigd moest worden. De afrondende voorstellen wekten de woede van de sportbonden. Vooral het afschaffen van de taskforce viel slecht. De bonden voelden zich opnieuw buitengesloten. En dat was nu juist wat ze willen voorkomen. De ergernis: NOC*NSF schiet in een oude reflex. Een houding die Bolhuis niet begrijpt. „De taskforce was klaar met zijn werk. Nu gaan we uitvoeren. Ik snap niet goed waarom de bonden zo scherp toezicht willen houden. Ze kunnen altijd hun zegje in de ledenvergadering doen.”

Na enig beraad haalde het bestuur de kou uit de lucht door de taskforce te laten voortbestaan. Tot genoegen van Erik van Heijningen, voorzitter van de zwembond, die de gevoelens van de oppositie vertolkte. „Wij snappen dat afslanking van de organisatie zorgvuldig moet gebeuren. 2010 was het jaar van de discussie. Laten we 2011 het jaar van de concretisering maken. Maar we moeten wel tempo blijven maken. En af en toe een bokspartijtje kan geen kwaad. Zonder wrijving geen glans.”

Alles goed en wel, vinden Bolhuis en Dielessen, maar waarom moeten bonden over de schouders van bestuur en directeur meekijken? Van waar die achterdocht? Bolhuis: „Ik dacht dat in een half jaar te kunnen keren. Maar dat blijkt een misverstand. Gek omdat ik persoonlijk veel steun krijg.”

Dat mag zo zijn, maar er bestaat ook ergernis over de solistische stijl van besturen van Bolhuis en Dielessen. Volgens de directeur een onterecht verwijt. Dielessen zegt er geen dubbele agenda op na te houden, maar dat het zijn stijl is om aan te pakken. Hij realiseert zich onvoldoende dat hij niet, zoals in zijn vorige baan als directeur van de omroep NOS, in een volledig geprofessionaliseerde organisatie werkzaam is. NOC*NSF is een vereniging, waarin hij ook verantwoording moet afleggen aan de bonden, die gerund worden door vrijwilligers. „Daar moet ik erg aan wennen”, zegt Dielessen, die wil uitdragen de sport een inspiratiebron is. „Als ik het vertrouwen van bonden krijg, komt het goed.”