Het einde van de crisis in de bouw lijkt in zicht

De komende jaren gaat het beter met de bouwsector. Het herstel is het duidelijkst merkbaar in de woningbouw.

Na twee jaren van malaise is de bodem van de Nederlandse bouwmarkt bereikt. Dat stelt het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in zijn verwachting voor de bouwproductie in 2011. De afgelopen twee jaar waren rampzalig voor de bouw, schrijft het EIB. De productie liep terug met 15 procent en 2.000 bouwbedrijven gingen failliet.

Maar voor de komende jaren is er volgens het EIB ruimte voor „enig optimisme”. Na zes kwartalen van krimp is de voor het seizoen gecorrigeerde productie voor de hele bouwnijverheid gestabiliseerd. De orderportefeuilles van architecten zitten al twee kwartalen „in de lift”, die van de bouwbedrijven „trekken licht aan”, aldus het instituut.

Het herstel van de bouwnijverheid is het duidelijkst merkbaar in de woningbouw. Het EIB verwacht dat de productie van nieuwbouwwoningen in 2011 met 5 procent zal stijgen. Voor 2012 voorspelt het EIB zelfs een stijging van 7,5 procent. Het EIB wijt de sterke groeicijfers aan de „inhaalvraag” in de markt, na twee jaar van economische stilstand.

Voor de utiliteitsbouw (zoals de bouw van kantoren, winkelcentra, scholen) is het beeld minder gunstig. Voor 2011 verwacht het EIB dat er 2,5 procent minder zal worden gebouwd. Vooral de situatie in de kantorensector is slecht. Het EIB verwacht een periode „van herstructurering en sloop”. Eerder kwam makelaar DTZ Zadelhoff al met sombere voorspellingen over de kantorenmarkt.

De grond-, water- en wegenbouwsector is, ondanks een stevige terugval vorig jaar, redelijk ongeschonden door de crisis gekomen. Het EIB verwacht dat vooral de ontwikkeling van nieuwe bouwlocaties verder aantrekt. (NRC)