Zó onveilig is het ook weer niet in Moerdijk

Bij de inwoners van Moerdijk is het vertrouwen even weg. Maar ze gaan niet verhuizen. „Waar is het eigenlijk wel veilig tegenwoordig?”

Nederland, Moerdijk, 05-01-2011 Grote brand bij Chemie pack in Moerdijk. Foto: Joyce van Belkom Joyce van Belkom

De ochtendschemer is maar nauwelijks opgetrokken als vaders en moeders hun kinderen wegbrengen naar de basisschool en peuterspeelzaal in het dorp Moerdijk. „We worden hier dom gehouden”, vertelt Melissa de Graaf, moeder van twee jongetjes, over de gevolgen van de brand bij Chemie-Pack. „Onze burgemeester heeft zichzelf op televisie een zes plus gegeven als het gaat om het geven van informatie. Daar moet ik een beetje om lachen.”

De eerste uren na het ontstaan van de brand, vorige week woensdagmiddag, moesten de twaalfhonderd inwoners van Moerdijk via de media vernemen wat er precies aan de hand was, toen zij op een kilometer afstand van hun huizen metershoge steekvlammen en ontploffingen gewaar werden. Er reed volgens de inwoners geen geluidswagen rond die opriep om ramen en deuren gesloten te houden. Pas om elf uur ’s avonds loeiden de sirenes, als waarschuwing dat de brandweer een schuimdeken zou gaan leggen over de brand, wat tot overlast zou kunnen leiden. „En zelfs die sirene hebben wij niet eens gehoord”, zegt Melissa de Graaf. „Hoe is dat nou mogelijk?”

En de onwetendheid duurt voort. „Waarom hebben ze die lijst met stoffen van het bedrijf pas zondag vrijgegeven? En waarom moeten we tot vandaag wachten om de uitslagen van het onderzoek naar de roetdeeltjes te krijgen? Dat kan toch veel eerder! Ze hebben de mensen niet ongerust willen maken. Maar als je dat vuur ziet en je hoort verder niets, dan word je óók ongerust.”

De eerste dagen na de brand kregen de inwoners ook bij voortduring te horen dat er geen gevaar voor de volksgezondheid was. Nu pas zeggen allerlei deskundigen dat dat misschien niet klopt. Ja, gisteren hebben de ministers Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) en Schippers (Volksgezondheid, VVD) het industrieterrein bezocht. Opstelten noemde de brand „een ramp”. En hij riep op tot „maximale transparantie” over deze ramp. Maar waarom hebben de ministers gisteren tijdens hun rondrit langs de plek het busje dat hen rondreed niet verlaten? Om de hulpverleners niet te storen? Melissa de Graaf kan dat moeilijk geloven. „Ze waren gewoon bang dat ze vieze lucht zouden inademen.”

De inwoners van Moerdijk blijven ondanks de brand van hun dorp houden. „Wij wonen graag op Moerdijk”, zegt Ad Vermeulen , geboren en getogen in Moerdijk. Vermeulen is gepensioneerd aannemer en voorzitter van de dorpsraad. „We hebben altijd veel profijt gehad van het industrieterrein. Ik heb een stuk of tien bedrijven helpen bouwen. Vroeger moesten veel mensen pendelen naar de Randstad voor hun werk. Inmiddels werkt ongeveer 20 procent van de mensen hier op het industrieterrein. Dat heeft welvaart gebracht. Maar u mag best weten dat wij af en toe wel eens denken: we vertrekken. Toch doen we dat niet. We kunnen het dorp niet loslaten.” En zó onveilig is het hier nu ook weer niet. „Ik durf te zeggen dat het hier vrij veilig is. We hebben af en toe meer last van de industrie in Antwerpen. En waar is het eigenlijk wel veilig tegenwoordig? Kijk eens wat er in IJmuiden de lucht in vliegt. Of in de Botlek, waar het altijd stinkt.”

We overleven het wel, is de suggestie. Niet dat op het industrieterrein alles moet blijven zoals het nu is. Een brand zoals bij Chemie-Pack bewijst volgens de dorpsraadvoorzitter dat de vergunningen niet meer geschikt zijn voor het soort bedrijven. „Ze dekken de lading niet meer. Wij dachten altijd dat de situatie redelijk beheersbaar was. Dat blijkt niet het geval.” Voorlopig is het vertrouwen in de regelgeving weg, zegt Vermeulen. „De gemeente Moerdijk en de provincie Noord-Brabant kunnen dat vertrouwen terugwinnen, maar dan moeten ze wel in actie komen.” De indeling van het industrieterrein is een „ratjetoe”, vindt Vermeulen, van bedrijven die veertig jaar geleden bij de aanleg van het buitendijkse, opgespoten bedrijvenpark min of meer bij toeval en vrij willekeurig zijn gebouwd. Dat moet anders. „We moeten het terrein opnieuw inrichten. Daar is iedereen wel van overtuigd.”

De bijna tachtig kinderen van de interconfessionele basisschool De Klaverhoek mochten gisteren, de eerste dag na de kerstvakantie in het zuiden van Nederland, uit voorzorg niet buiten spelen. Enkele leerkrachten vertellen dat ze er in de klas over hebben gepraat. Ze hebben de gevaarlijke stoffen op het terrein van Chemie-Pack vergeleken met schoonmaakmiddelen op school en thuis. „Die zijn óók gevaarlijk”, kregen de kinderen te horen. Sommige kinderen vertelden in de klas dat ze de nacht na de brand elders hebben gelogeerd. Zo ook de zevenjarige Nick, zoon van Robert van Mechelen. Vader legt uit dat hij besloot met zijn gezin in een hotel te slapen. „Niet omdat ik bang was dat de boel hier uit de hand zou lopen, maar ik had geen zin om de hele nacht op te moeten letten. Ik moest de volgende dag weer gewoon werken. In een hotel slaap je toch rustiger.”

Melissa de Graaf besloot vorige week thuis te blijven, nadat duidelijk was geworden dat Afvalstoffen Terminal Moerdijk, vlakbij het getroffen Chemie-Pack, gespaard zou blijven. Daar wordt gevaarlijk afval verwerkt. Maar of ze met haar gezin altijd in Moerdijk zal blijven wonen? Ze weet het niet zeker. „We wonen hier pas drie jaar. We komen uit Sliedrecht. Als we hier zouden vertrekken, dan zouden we alleen terug naar Sliedrecht willen gaan. Maar ja, daar in de buurt zit het bedrijf DuPont. Dat kan óók de lucht in vliegen.”