Samen naar 50Plus? Of toch maar niet?

‘Word jij ook lid van 50Plus?” vroeg een jongere collega mij.

We zaten te praten in zo’n Van der Valk-achtig restaurant waar nogal wat mensen uit de doelgroep van deze nieuwe ouderenpartij van hun vrije tijd probeerden te genieten. Een behoeftige indruk maakten ze niet, maar dat kwam misschien doordat ze het partijprogramma van 50Plus nog niet goed hadden gelezen. Pas dan zie je dat menige Nederlandse oudere in hoog tempo – als de benen het nog toelaten – de bedelstaf nadert.

„Hoezo?” vroeg ik, want ook in het collegiale contact is het altijd nuttig om te peilen of je in de maling wordt genomen.

„Nou, het leek me wel wat voor jou en je vrouw.” Hij bleef er ernstig bij kijken, maar ik besloot hem toch niet helemaal serieus te nemen. „Hou mijn vrouw er maar buiten”, zei ik, „die heeft haar handen al vol aan de PvdA. Ze komen daar nu pas tot de ontdekking dat de enige man die Job Cohen na verloren verkiezingen kan opvolgen, Eberhard van der Laan, hopeloos vastligt aan zijn eigen burgemeestersketting. Wie moet het dan wel worden? Niemand die het weet.”

Hij keek me peinzend aan, terwijl hij een voorzichtige hap nam uit zijn Bossche bol – met het voorspelbare kinonvriendelijke resultaat. „Ik wil toch even bij dat 50Plus blijven. Nagel komt met voor jullie goeie punten: geen verhoging AOW-leeftijd, wel verhoging vakantietoeslag AOW’ers…”

Ik aarzelde. Moest ik nu overgaan tot een uiteenzetting over het verschijnsel-Jan Nagel dat ik al zo vaak bestudeerd en beschreven had? Ik besloot het kort te houden. „Bij Jan Nagel gaat het nooit om de punten, maar alleen om Jan Nagel zelf. Hij wil aanzien, invloed, macht. Foezelen in de achterkamertjes. Dat straks Rutte of Wilders hem bezorgd bellen en vragen: wij willen graag met u een kopje koffie drinken.”

„Maar hij heeft nu toch ook nette mensen om zich heen verzameld.”

„Nette mensen zijn vaak naïeve mensen.”

„Ik zou het toch een kans geven”, zei hij, waarna hij van onderwerp veranderde: de door De Telegraaf triomfantelijk gepresenteerde nieuwe sterren van de omroep Wakker Nederland: Vermeend, Lepeltak, Boekestijn, Nordholt, Eerdmans, Huffnagel. De telegrafisering van het Nederlandse medialandschap, mede mogelijk gemaakt door de voormalige linkse iconen Vermeend en Nordholt. „Ga je veel naar ze kijken?”

„Voor het eerst in vijftien jaar vind ik het jammer dat ik geen tv-recensent meer ben”, moest ik toegeven. „Joost Eerdmans als onze eigen Bill O’Reilly! Thomas Lepeltak als de nieuwe G.B.J. Hiltermann! Vermeend de plaatsvervangende premier van Nederland! Nordholt die zijn ‘dienders’ beschermt tegen de Haagse politiek! Huffnagel die halfdronken uit het café komt gerold… Het wordt heerlijke tv.” Hij viel me bij en we namen uitgelaten alle draaiboeken voor de komende uitzendingen bij Wakker Nederland door. Gastcolumns voor Geert Wilders en Marco Pastors, een dagelijks aan Cohen gewijd afzeikhoekje, een comebackrubriek voor Rita Verdonk, avondsluiting door Frits Bolkestein, kortom, mogelijkheden zat.

„Ze moeten bij Wakker Nederland alleen iets aan hun pr doen”, zei ik nog, „die is nu te veel aan De Telegraaf gerelateerd. Daar kunnen ze beter Jan Nagel voor nemen, samen met zijn onafscheidelijke vriend Maurice de Hond.”