Parijs bindt strijd aan met Al-Qaeda in Sahel

Parijs kiest voor geweld tegen Al-Qaeda in Noord-Afrika. Ondanks een mislukte bevrijdingsactie in Niger steunen veel Fransen deze aanpak.

Ondanks de mislukte poging afgelopen weekeinde om twee Franse gijzelaars te bevrijden in Niger, schaart Frankrijk zich achter de nieuwe, gespierde aanpak van Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb. De Fransen voelen zich bedreigd door de gewapende beweging in de Sahel en menen daarom dat militair optreden de enige mogelijkheid is. „Niets doen, zou opgevat worden als een signaal dat Frankrijk terrorisme niet bestrijdt”, zei minister van Defensie Alain Juppé gisteren tijdens een bezoek aan Niger. „Wij zullen nooit het dictaat van terroristen aanvaarden”, zei president Nicolas Sarkozy zondagavond al.

De gijzelaars Antoine de Léocour en Vincent Delory, beide 25 jaar oud, werden zaterdag dood teruggevonden in de woestijn na een gewapende bevrijdingsactie van Franse en Nigerijnse militairen. Volgens Parijs waren ze geëxecuteerd door hun gijzelnemers. De Léocour en Delory waren vrijdagavond ontvoerd in een Frans restaurant in de hoofdstad van Niger, Niamey.

De harde aanpak van Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb werd afgelopen zomer geïntroduceerd. Het Franse leger probeerde in juli samen met Mauretaanse militairen een Franse hulpverlener te bevrijden in Mali, maar pas nadat twee maanden was onderhandeld met de gijzelnemers. Die eisten de terugtrekking van de Franse troepen uit Afghanistan en een fikse som losgeld voor de 78-jarige Michel Germaneau. Hij werd daags na de mislukte interventie van Frankrijk en Mauretanië vermoord door zijn gijzelnemers.

Sinds de moord op Germaneau heeft Frankrijk alle contact met Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb verloren, erkent minister Juppé. Dat maakt onderhandelen sowieso moeilijk. Bovendien argumenteert de Franse regering dat gegijzelden in Noord-Afrika uitermate slecht worden behandeld en zelfs gemarteld. Dat maakt de marge voor eventuele onderhandelingen erg klein.

Van rechts tot links heerst begrip voor de militaire aanpak, bleek gisteren tijdens een gesprek van parlementsleden met premier François Fillon. Zelfs de niet bepaald regeringsgezinde krant Libération toont begrip. Frankrijk staat voor een tragisch dilemma, schrijft de krant. De veiligheid van de gegijzelden geniet prioriteit, maar onderhandelen, hoe logisch en menselijk ook, houdt eveneens risico’s in: het kan de terroristen aanmoedigen nog meer Fransen te gijzelen. Bovendien hebben de gijzelnemers volgens Libération een vage en onrealistische agenda en is onderhandelen met hen bij voorbaat al vaak tevergeefs.

Ook de Parti socialiste toont begrip: volgens de socialistische oppositie kan de regering weinig anders doen dan gewapend optreden tegen de gijzelnemers in Noord-Afrika.

Frankrijk beschouwt Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb als een groep die het in de eerste plaats op Frankrijk heeft gemunt, zoals Al-Qaeda in Afghanistan in de eerste plaats de Verenigde Staten als tegenstander ziet. Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb ontstond in 2007 in de voormalige Franse kolonie Algerije; de nieuwe beweging kwam voor een belangrijk deel voort uit de Algerijnse terreurgroep GSPC. En eind oktober riep Osama bin Laden in een boodschap, uitgezonden door Al-Jazeera, op tot een oorlog tegen Frankrijk, met als eis de terugtrekking van de troepen uit Afghanistan en een intrekking van het Franse boerkaverbod.

Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb heeft ook diplomaten, toeristen en hulpverleners uit andere landen gegijzeld, zoals Canada, Spanje en Groot-Brittannië. In mei 2009 werd de Britse toerist Edwin Dyer geëxecuteerd. Maar de meeste doelwitten zijn Frans. Vrijwel het volledige gebied waar Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb actief is behoorde ooit aan Frankrijk. Behalve Algerije zijn dat de ex-koloniën Niger, Mali en Mauretanië. Daardoor zijn er relatief veel Fransen en Franse belangen in de regio. Vorige week was de ambassade in Mali het doelwit van een mislukte aanslag door een Tunesiër die zei te handelen namens Al-Qaeda-in-de-Islamitische-Maghreb. In december 2007 werden vier Franse toeristen vermoord in Mauretanië – wat tevens het einde betekende van de jaarlijkse rally Parijs-Dakar in Afrika.

Franse analisten wijzen er op dat het ook in de hoofdsteden, die tot voor kort een behoorlijke reputatie hadden, niet langer veilig is. Dat de twee Fransen die afgelopen weekeinde omkwamen ontvoerd waren in een restaurant in de hoofdstad van Niger, zorgt voor onrust bij de duizenden Fransen in de regio.

In de Sahel worden nog vijf Fransen gegijzeld, medewerkers van energiefirma Areva die op 16 september werden ontvoerd in Niger. Volgens Parijs zitten nu zij vermoedelijk in Mali.