Oliepijpleiding BP dicht na lekkage

De Britse oliemaatschappij BP heeft een tegenslag geleden nadat afgelopen zaterdag een belangrijke oliepijpleiding in Alaska moest worden gesloten wegens een lekkage. Op de Londense beurs is de koers van BP vanochtend met 2 procent gezakt, naar 483 pence.

Het Trans-Alaska Pipeline System wordt beheerd door het bedrijf Alyeska, waarin BP een minderheidsbelang heeft van 47 procent. Via het leidingnetwerk worden normaal dagelijks 650.000 vaten olie (15 procent van de totale Amerikaanse productie) getransporteerd vanuit olievelden in het noorden van Alaska naar het stadje Valdez, in het zuiden van Alaska. Vandaar wordt de olie via tankers naar de westkust van Amerika vervoerd.

Het is volgens BP niet duidelijk hoe lang de pijpleiding gesloten blijft. Overigens lijkt de milieuschade mee te vallen.

In 2006 is er in het leidingnetwerk ook al een keer een lekkage opgetreden wegens slecht onderhoud. BP heeft de laatste jaren veel kritiek gekregen omdat het lang de nadruk heeft gelegd op kostenbesparing, en ernstig heeft bezuinigd op veiligheid en onderhoud. Dat zou volgens sommigen ook mede de oorzaak zijn van de olieramp in de Golf van Mexico.

Vorige week steeg de koers van BP juist flink nadat bekend werd dat de schade van de olieramp veel lager zal uitvallen dan verwacht.

Vanochtend reageerden de olieprijzen vooralsnog bescheiden op het uitvallen van de pijpleiding in Alaska. In Londen steeg de prijs voor Brent-olie (uit de Noordzee) vanochtend eerst, om tegen het middaguur weer ongeveer uit te komen op de slotprijs van afgelopen vrijdag: bijna 94 dollar per vat. De Amerikaanse beurzen waren bij het sluiten van deze krant nog niet geopend.