Het tegengif voor het tiki taka-voetbal is nog niet bedacht

Barcelona scoort dit seizoen aan de lopende band in de Spaanse Primera Division.

Laatste slachtoffer van het fútbol tiki taka was zaterdag Deportivo La Coruña: 4-0.

Fútbol tiki taka . Zo heet de revolutionaire speelstijl waarmee FC Barcelona en het Spaanse nationale elftal het ene na het andere succes behalen én de harten veroveren van de voetballiefhebbers. Het Barça van grondlegger Pep Guardiola demonstreerde zaterdagavond in het Estadio Municipal de Riazor van Deportivo La Coruña nogmaals de schoonheid en effectiviteit van het systeem. FC Barcelona won het uitduel met 4-0 en kon zich de luxe veroorloven om spelmaker Xavi Hernandez rust te geven. De Nederlander Ibrahim Afellay mocht vlak voor tijd zijn competitiedebuut maken.

De wijze waarop Guardiola zijn elftal laat spelen grenst bijna aan perfectie. Vrijwel niemand slaagt erin een tegengif te bedenken voor het voetbal waarbij de spelers van FC Barcelona de bal in een zeer hoog tempo rondspelen. De tegenstander loopt bijna de hele wedstrijd achter de feiten aan en raakt langzaam maar zeker dodelijk vermoeid van het jagen op de bal. Het thuispubliek in La Coruña raakte zo gefrustreerd dat het passen van de bal werd begeleid met een fluitconcert. Het was tekenend dat Andres Iniesta en Pedro in de slotfase van de competitiewedstrijd tegen Depor nog met twee doelpunten de genadeklap uitdeelden.

De speelwijze van FC Barcelona kent zijn wortels in het totaalvoetbal van Rinus Michels en Johan Cruijff. De Nederlanders vonden daarmee een antwoord op het catenaccio van de Argentijnse bedenker Helenio Herrera. Het Nederlands elftal, Ajax en FC Barcelona bewezen in de jaren zeventig van de vorige eeuw dat je met aanvallend voetbal succes kon hebben. De Brazilianen hadden dat al eerder met hun jogo bonito laten zien. Maar een monopolie op succes wisten Oranje, Brazilië, Ajax en FC Barcelona niet af te dwingen. Italië liet met de wereldtitel in 2006 zien dat je met calculerend defensief voetbal hoofdprijzen kunt winnen. Het voetbal verloor aantrekkingskracht en de neutrale liefhebber leek de grote verliezer te worden.

Tijdens datzelfde wereldkampioenschap in Duitsland werd de term fútbol tiki taka verzonnen door de journalist Andrés Montes. Hij versloeg voor de televisiezender La Sexta wedstrijden van het Spaanse nationale elftal, dat bekend stond om het snel rondspelen van de bal. Het toenmalige Spanje van bondscoach Luís Aragones werd in 2006 in de achtste finales uitgeschakeld, waardoor de mythe bleef bestaan dat het Zuid-Europese land op grote toernooien nooit iets zou klaarspelen.

Twee jaar later logenstrafte dezelfde Aragones die stelling door het EK van 2008 in Oostenrijk en Zwitserland met overmacht te winnen. Guardiola veroverde in 2009 met FC Barcelona alle mogelijke prijzen en in de zomer van 2010 mocht Spanje zich voor het eerst wereldkampioen noemen. Het Oranje van Bert van Marwijk had in de finale geen antwoord op het ‘tik tak-voetbal’, zoals het Inter van José Mourinho dat vorig seizoen in de Champions League wel had.

Guardiola heeft als leerling van Cruijff het totaalvoetbal niet alleen gemoderniseerd, maar ook aangepast aan de Catalaanse cultuur. Het huidige Barcelona moet het op het middenveld niet hebben van fysieke kracht, maar van techniek, snelheid en pressie. Het is dan ook geen toeval dat Xavi Hernandez, Andres Iniesta en Lionel Messi alle drie klein van postuur zijn. Ze hebben echter zoveel meer de bal in bezit dan hun tegenstanders dat die voortdurend achter hen aanlopen. FC Barcelona passt de bal gemiddeld zo’n zeshonderd keer per wedstrijd. Dat is tweehonderd keer meer dan de meeste andere Europese topclubs doen.

Het spelsysteem van Barcelona gaat verder uit van eenhecht collectief waarbij niemand zich groter voelt dan de rest. Guardiola nam de afgelopen jaren dan ook bewust afscheid van vedettes als Ronaldinho, Deco, Samuel Eto’o en Zlatan Ibrahimovic. Het combinatievoetbal van Barcelona rendeert alleen als bij balverlies iedereen zo snel mogelijk probeert de bal weer te veroveren. Het zogenoemde omschakelen kan dan bij constant balbezit bijna worden overgeslagen. Wat dat betreft kent het tiki taka fútbol minder vrijheden dan het totaalvoetbal. Alleen een zeer gedisciplineerd elftal waarin iedereen zich aan zijn opdracht houdt kan het systeem tot in de puntjes uitvoeren. Buiten FC Barcelona en Spanje is tot dusver geen ploeg in staat gebleken de speelwijze succesvol te kopiëren.

FC Barcelona heeft het grote voordeel dat het elftal hoofdzakelijk bestaat uit voetballers die afkomstig zijn uit de jeugdopleiding van de club. Profs als Victor Valdes, Gerard Piqué, Carles Puyol, Sergio Busquets, Pedro, Xavi Hernandez, Andres Iniesta en Lionel Messi weten van jongs af aan wat van hen wordt verwacht. Ze moeten niet alleen technisch en tactisch superieur zijn aan de tegenstander, maar ook op mentaal gebied.

In dat licht bezien is het begrijpelijk dat de afgelopen jaren tal van aankopen zoals Maxwell, Javier Mascherano, Aleksandr Hleb, Thierry Henry en Zlatan Ibrahimovic de verwachtingen niet of nauwelijks waar hebben kunnen maken. Xavi, Iniesta en Messi strijden vanavond bij de verkiezing van de Gouden Bal om de eer wie zich de grootste meester van het fútbol tiki taka mag noemen.