Even pauze in dagelijkse scheldpartij van de politiek

Aanslag op Congreslid in VS

De moordpoging op Democraat Gabrielle Giffords dwingt Amerika tot bezinning. Maar links en rechts hebben belang bij het doodschelden van ‘niet-vrienden’.

The US Capitol dome is shown in the background as flags fly at half staff in honor of the victims of the shooting in Arizona that injured US Representative Gabrielle Giffords (D-AZ), at the Washington Monument in Washington, January 9, 2011. REUTERS/Jonathan Ernst (UNITED STATES - Tags: POLITICS IMAGES OF THE DAY) REUTERS

Bij Sportsman’s Warehouse kwamen gisteren aan het einde van de middag wat laatste klanten aanrijden. Hier kocht de verwarde Jared Lee Loughner (22) in november het vuurwapen waarmee hij zaterdag in Tucson, Arizona, zes mensen doodschoot en zeven ernstig verwondde, onder wie het Democratische Congreslid Gabrielle Giffords. Ze hadden er weinig behoefte „gealarmeerd te gaan doen”, zei klant Jack Banner (31). De elektrotechnisch ingenieur uit een nabijgelegen dorp kwam met zijn Vietnamese verloofde voor wat extra kogels en, misschien, een mooi camouflagepak. „Dat schiet fijner.”

„Wapens doden geen mensen”, stelde hij naar goed conservatief gebruik. „Mensen doden mensen.” En het probleem was niet de schutter („die halvegare”). „Het probleem was dat niemand anders een wapen droeg, anders hadden ze hem kunnen stoppen.”

Een paar kilometer verderop kwamen korte tijd later enkele honderden mensen bijeen op de stoep van het kantoor van het beschoten Congreslid. De linkse kerk van Tucson. Iedereen een kaars in de hand, borden met vredige teksten, een countryzangeres met pijn in de stem. Sprekers benadrukten de noodzaak om, „in de geest van Gabby”, de retoriek te matigen. Minder dreigen, minder schreeuwen. Meer praten.

Deze toon koos ook de president in het verre Washington. Obama schortte zijn reisplannen voor de komende week op en gelastte voor vandaag (vanmiddag Nederlandse tijd) een nationaal moment van stilte. Het Hooggerechtshof deed hetzelfde. Ook de Republikeinse leiders in het Congres besloten hun werkzaamheden (Obama’s zorgwet wegstemmen) af te gelasten. Washington gaat zich bezinnen. „We concentreren ons op alles wat nodig is in het licht van deze tragedie”, zei de Republikeinse meerderheidsleider Eric Cantor.

De oproepen tot nationale bezinning klonken vanaf het moment dat berichten over de schietpartij binnenkwamen. De poging Giffords te vermoorden werd meteen in de context van het vergiftigde nationale debat geplaatst. Amerika is twee landen geworden. Je hebt linkse en rechtse feiten. Linkse en rechtse popmusici. Linkse en rechtse religie. Linkse en rechtse restaurants. Geen domein van de maatschappij kan zich aan de splijtende polarisatie onttrekken. Facebook is bij uitstek het medium dat de verbrokkeling katalyseert: we delen nieuwtjes en inzichten alleen nog met onze vrienden.

De keerzijde is dat afgeven of schelden op de anderen, de ‘niet-vrienden’, een gevaarloze vorm van zelfverheerlijking is geworden. Wat radiomaker Rush Limbaugh kan, kan tv-agitator Glenn Beck ook. Wat Glenn Beck kan, kan Sarah Palin ook. Het genereert aandacht, en aandacht genereert geld. Polarisatie is de beste bron van inkomsten die een Amerikaanse politicus kan aanboren. Vandaar dat het politieke debat een permanente scheldpartij is geworden.

In het door recessie geteisterde Arizona van Gabrielle Giffords woedde vorig jaar een immigratiedebat waarin alle nadelen van die trend bleken. Politieke opponenten van Giffords, onder wie Sarah Palin, zinspeelden op gewapende oppositie tegen haar ideeën. De Tea Party deed daaraan mee. Links hield zich evenmin onbetuigd: toen Giffords, die een Republikeins district vertegenwoordigt, vorige week tegen het aanblijven van Nancy Pelosi als Democratisch leider in het Congres stemde, werd zij op de linkse website Daily Kos „dood” verklaard.

Het was dus logisch dat de aanslag op Giffords werd gezien als product van dit alles. Maar gisteren bleek dat dader Loughner niet in het links-rechts schema past. Zijn motief is nog altijd niet duidelijk. Bekenden en buren schetsten een man met psychotische trekken. Afgaande op YouTube-filmpjes en andere berichten op internet heeft het immigratiedebat hem nooit erg beziggehouden.

Maar toen waren de oproepen tot bezinning al gedaan, en omhelsd. Daarbij kan meespelen dat de Republikeinen en Democraten in Washington door de laatste Congresverkiezingen tot elkaar zijn veroordeeld. Als middel om kiezers te trekken mag polarisatie een mooie truc zijn, voor effectief bestuur is het een ramp. Ook het bedrijfsleven doet daarover steeds openlijker zijn beklag.

Antiwapenactivisten en een enkel Congreslid willen nu het debat over vrij wapenbezit nieuw leven inblazen. Ondanks zijn gestoorde gedrag en eerdere arrestaties doorstond Loughner vorig jaar november het antecedentenonderzoek van Sportman’s Warehouse, waarna hij daar zijn wapen kon kopen. Het ligt mede aan de liberale wapenwetten van Arizona. Alle burgers mogen openlijk wapens dragen.

Eerdere incidenten met wapens die het nationale geweten schokten – de school in Columbine (1999), de universiteit in Virginia (2007), de moord op gynaecoloog Tiller (2009) – leidden niet tot aanpassing van de federale regels.

Voor de bezinning op de nationale polarisatie geldt een vergelijkbaar probleem als voor wapenbezit. Wie dat wil aanpakken, jaagt een hele industrie tegen zich in het harnas. Dat gaat niet alleen om talkradio en FoxNews, het gaat ook om lobbyisten, juristen, fondsenwervers, tv-netwerken, Drudge en The Huffington Post, Facebook en Twitter – en een kaste van politieke professionals die er een fortuin aan verdienen. Het vereist ook dat Amerikanen een probleem erkennen dat zij, in hun omgeving van gelijkgestemden, zelden aan den lijve ondervinden. Toen deze krant aan Jack Banner bij Sportman’s Warehouse vroeg of hij naar de bijeenkomst voor Giffords zou gaan, keek hij verwonderd. „Wat moet ik daar?” Een beschoten Congreslid steunen. „Een links Congreslid? Ga weg, joh.”