Zonne-energie in Amerikaanse legerrugzak

Het Amerikaanse leger begint zich ernstig zorgen te maken over schaarser, en duurder wordende olie. De VS proberen alternatieven uit, zoals zonne-energie.

Honderdvijftig Amerikaanse mariniers opereren sinds enkele maanden in de ruige Afghaanse provincie Helmand met apparatuur die niet draait op een dieselgenerator, zoals gebruikelijk, maar puur op zonne-energie. Het is een primeur. Hun tenten en rugzakken zijn uitgerust met flexibele zonnecellen. En dat is niet zomaar.

Het Amerikaanse leger begint zich serieus zorgen te maken over schaarser, en duurder wordende olie. Deze week naderden de olieprijzen weer de grens van honderd dollar per vat. Fatih Birol, hoofdeconoom van het Internationaal Energie Agentschap (IEA) in Parijs, waarschuwde ervoor. „Olieprijzen komen in de gevarenzone”, zei hij. Ze bedreigen het herstel van de wereldeconomie.

Elke dollar stijging kost het Amerikaanse leger op jaarbasis 130 miljoen dollar extra. Vorig jaar lag de gemiddeld prijs van Amerikaanse olie al 17 dollar hoger dan in 2009 – omgerekend 2,2 miljard dollar aan extra kosten. Dit jaar wordt een verdere stijging verwacht van 6 dollar per vat.

Het Amerikaanse leger zal de olie ook steeds vaker moeten halen uit landen als Iran, Venezuela en Irak, die de VS als de vijand zien. Het zet de machtspositie van Amerika onder druk. Verder merkt de legerleiding dat de aanvoerlijnen van brandstof in afgelegen gebieden, zoals in Afghanistan, kwetsbaar zijn voor aanvallen van verzetstrijders. Konvooien die vanuit Pakistan de belangrijke Khyberpas moeten passeren, liggen voortdurend onder vuur in deze flessehals.

Dit alles heeft het Amerikaanse leger op een nieuw spoor gezet. In 2020 moet de helft van alle energie uit duurzame bronnen komen. Nu is nog driekwart afkomstig uit olie.

Er is een omslag in het denken over olieschaarste, zegt energiedeskundige Oliver Inderwildi van de universiteit van Oxford. Hij ziet de aanhang van de zogeheten peak oil-theorie groeien. Die gaat ervan uit dat er een plafond zit aan de wereldwijde olieproductie, die nu op 84 miljoen vaten per dag ligt. Dat plafond is al bereikt, of wordt binnen enkele jaren bereikt. Daarna zal de productie gestaag afnemen. Terwijl de vraag naar olie hard blijft groeien, vooral in Azië en het Midden-Oosten. Het is een recept voor prijzen die de pan uit rijzen, en voor een toename van het aantal conflicten, al dan niet militair.

„De aanhangers van deze theorie zijn lange tijd weggezet als nutcases”, zegt Inderwildi. Idioten. Maar dat is volgens hem aan het veranderen. Vorig jaar kwamen in Amerika, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk rapporten uit van militaire denktanks. Allemaal waarschuwen ze voor de oliepiek. Volgens het Duitse rapport is de piek al gepasseerd. Vorig jaar. Als er niks gebeurt zal de olieschaarste de komende vijftien tot dertig jaar gevaarlijke proporties aannemen.

De Amerikaanse econoom Philip Verleger vindt de angst overdreven. Grote schaarste, en daarop volgende hoge prijzen, lokken reacties uit. Zo werken markten. Ook die voor olie.

Consumenten stappen over op zuiniger auto’s. Autofabrikanten ontwikkelen alternatieven, zoals elektrische auto’s en motoren die op biobrandstoffen draaien. In 2000 lag de wereldwijde productie van biobrandstoffen op 200.000 vaten per dag. Inmiddels is dat het achtvoudige. Op de totale olieproductie is dat nog steeds maar een aandeel van 2 procent, maar het groeit wel.

Frank Verhoeven, baas van logistiek bedrijf Vos Logistics uit Oss, ziet een ander interessant alternatief voor olie. Aardgas. Het is de schoonste van alle fossiele brandstoffen. En de voorraden reiken voor tientallen jaren langer dan die van olie. Zeker nu het door technologische doorbraken mogelijk is geworden voorheen moeilijk te bereiken, reusachtige voorraden leisteengas aan te boren. Amerika loopt in deze ontwikkeling voorop. De gasprijs is er al twee jaar erg laag, en zal dat naar verwachting de komende 25 jaar ook blijven.

Verhoeven voorspelt meer auto’s en trucks die op aardgas rijden. Zijn bedrijf, dat met 1.110 trucks een van de grotere vervoerders in Europa is, heeft in oktober zijn eerste vulstation voor vloeibaar gas geopend, in Oss. Dit jaar wil het vijftig dieseltrucks vervangen door vrachtwagens die op vloeibaar aardgas rijden.

Twee maanden geleden heeft ook het gerenommeerde Internationaal Energie Agentschap in Parijs geaccepteerd dat peak oil een feit is. Zij het met een kanttekening. De piek is bereikt, maakte het agentschap in november bekend, maar alleen voor conventionele olie. Daarmee bedoelt het IEA makkelijk te ontginnen olievelden. Er zijn echter ook nog reusachtige voorraden zogeheten onconventionele olie – moeilijk en duur om te winnen en te raffineren. In Canada, Venezuela. Bij olieprijzen van 70, 80 dollar per vat worden die reserves interessant om te winnen. In Canada heeft de ontginning van teerzanden al een hoge vlucht genomen. Mede hierdoor kan de totale mondiale olieproductie tot 2035 nog blijven stijgen, zo meent het IEA.

Of de wereldwijde olieproductie verder zal stijgen, en hoe snel, is volgens Inderwildi moeilijk te voorspellen. Het hangt van veel factoren af, zegt hij. Zet de Opec, het kartel van olie-exporterende landen, de kraan verder open? En hoe snel zal de olieproductie van Irak groeien, nu westerse energieconcerns weer toegang hebben gekregen tot het land, en zijn rijke voorraden? Hoe streng wordt het klimaatbeleid? Benzine en diesel worden duurder als de milieukosten van fossiele brandstoffen in de prijs worden meegerekend. Maar in hoeverre gaat dit gebeuren?

Inderwildi ziet twee recente gebeurtenissen die de groei van de olieproductie remmen. De olieramp in de Golf van Mexico heeft overheden voorzichtiger gemaakt met het verstrekken van vergunningen voor oliewinning in diepe wateren. En ’s werelds grootste olieproducent Saoedi-Arabië heeft gezegd zijn productie, nu 10 miljoen vaten per dag, toch niet te verhogen naar 15 miljoen vaten, zoals eerder aangekondigd. Het gaat zijn productie bevriezen, en houdt de olie in de grond voor toekomstige generaties.

De Amerikaanse econoom Verleger sluit niet uit dat de olieprijzen weer een keer stijgen naar 147 dollar, zoals gebeurde in juli 2008. Of misschien zelfs hoger. Maar nooit voor lang, denkt hij. Juist omdat hoge prijzen reacties uitlokken, die het effect weer dempen.

De huidige prijsstijging is volgens hem vooral terug te voeren op de extreme kou, waardoor het energieverbruik is toegenomen. Verder ligt de grootste raffinaderij van Canada tijdelijk stil voor onderhoud. Verleger voorspelt dat de olieprijzen weer zullen dalen. „Het onderhoud van de raffinaderij in Canada is bijna klaar. En de kou begint weer af te nemen.”