Woorden en daden

R.’s moeder koos onze school vermoedelijk zoals haar tatoeages en haar acteercarrière: ze testte haar progressieve idealen.

R. is plotseling van school gehaald. Zij is een vriendin van mijn dochter (6). Haar moeder is de kleindochter van een Democratische senator en kreeg de bijbehorende opvoeding, herkenbaar in haar gewoonte onder alle omstandigheden aardig te zijn en zelden iets wezenlijks prijs te geven. Wij zagen het dus niet aankomen.

Zoals veel kinderen van goede Democratische afkomst ging R.’s moeder zelf naar Sidwell, één van de duurste particuliere scholen van de stad, nu de school van Malia en Sasha Obama. Ze studeerde aan Brown, een Ivy League universiteit. Daarna nam ze een paar tatoeages en vertrok ze naar Los Angeles om actrice te worden. Ze is mooi. Ze kreeg een rol in een populaire tv-serie vol vrouwelijke, schaars geklede vechtheldinnen. Na zes jaar hield de serie op. Ze trouwde met een kunstenaar, nam zijn achternaam aan en keerde terug naar het brave Washington. Ze kreeg drie dochters, werd yogalerares en leeft hier nu min of meer incognito.

Vermoedelijk koos R.’s moeder onze openbare school zoals ze voor haar tatoeages en LA viel en wilde zij de progressieve idealen van haar keurige familie testen: geen woorden, maar daden. Zeker weet ik het niet, want wij leerden elkaar ook tijdens een reeks speelafspraken van onze dochters nooit echt kennen. Een welopgevoede manier van conversatie voeren met mensen die je liever op afstand houdt, komt in Washington neer op het pareren van iedere poging tot gesprek met een lief en begripvol: „I knów!” Of: „That’s só true, I knów!” En daarna niets. Zo ging het dus. Ik gaf het na een tijdje op.

Onze eigen keuze voor een openbare school had vierenhalf jaar geleden niet veel met idealen te maken. Ons leek de school vooral vrolijker dan de particuliere scholen waar de meeste kinderen in onze welvarende blanke buurt naartoe gaan, zodat ze later naar de beste universiteiten kunnen. Aan die pressure cookers wilden wij onze nog kleine kinderen niet blootstellen. Ook dat klinkt heldhaftiger dan het was: wij konden ons dat veroorloven, in de wetenschap dat ons verblijf hier tijdelijk is.

Nee, met idealen had het niet zoveel te maken, maar idealistisch werd je op onze school vervolgens als vanzelf. We maakten er de opkomst van Obama mee, gouden jaren van de voorverkiezingen tot en met de inauguratie, toen er voor blanke en zwarte ouders bijna wekelijks gelegenheid was elkaar feestelijk op de schouders te slaan. Alles leek mogelijk en onze school bewees alvast dat het kon.

Tegenwoordig kun je er eerder de ontgoocheling in de ogen kijken. De school werd nog wat zwarter sinds er twee jaar geleden twee nieuwe kleuterklassen bij kwamen. De directeur was al zwart, steeds meer leraren zijn zwart, en ook de belangrijkste posities in de ouderraad, een voormalig bolwerkje van blanke ‘liberals’, zijn inmiddels in handen van zwarte ouders. Dat is zelfs voor progressieve blanke ouders even slikken. Mijn dochters vriendinnetje H. keerde na de zomer niet terug en de ouders van klasgenootje J. bezoeken, vertelden ze schuldbewust, ook al particuliere scholen „om eens rond te kijken”.

De chaos in sommige klassen lijkt intussen toe te nemen. In de woorden van mijn dochter: „De juffrouw schreeuwde vandaag weer.” Dit is, voor wie dat misschien gemakshalve aannam, geen gevolg van het grotere aantal zwarte leerlingen. Het komt door een kleine, maar opmerkelijke groep nieuwe blanke leerlingen. Door de recessie kunnen sommige rijke buurtgenoten namelijk niet langer de dure particuliere scholen van ál hun kinderen betalen. Dan blijven de kinderen die het gemakkelijkst leren nogal eens op de dure school, en worden de moeilijkst lerende kinderen zo lang als financieel noodzakelijk is op onze gratis openbare school gedeponeerd. In benarde omstandigheden blijkt Amerika dus zelfs tot binnen het gezin een samenleving van winners en losers.

Zo belandden de afgelopen twee jaar wat blanke kinderen met leer- of gedragsproblemen op onze school. Het onhandelbaarste jongetje uit de klas van mijn dochter heeft een stil tweelingzusje, dat voor ruim 28.000 dollar per jaar naar een particuliere school gaat. Zelf moet hij het voorlopig uitzingen op onze openbare school, vergezeld van een potje pillen en een nogal vergeefs therapeutisch kussen, bedoeld om stil te zitten.

En R. is dus van school gehaald. Haar moeder leek uiteindelijk toch meer op haar familie dan ze zich misschien had voorgesteld. R. gaat nu naar Sheridan, een particuliere school even verderop. Voor ruim 25.000 dollar per jaar.