School kan hoofddoek leerling niet verbieden

Een moslimscholiere van een katholieke vmbo-opleiding in Volendam is ten onrechte verboden om tijdens de les een hoofddoek te dragen. Volgens de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) heeft de school daarmee een ‘verboden onderscheid op grond van godsdienst’ gemaakt.

De scholiere droeg, in verband met haar geloof, vanaf de eerste lesdag van haar tweede schooljaar een hoofddoek. Haar werd vervolgens door de school de toegang tot de leslokalen ontzegd. Ze moest haar schoolwerk bijhouden in de kamer van de afdelingsleider.

Eerder oordeelde de CGB dat scholen in het bijzonder onderwijs hoofddoekjes mogen verbieden als dat in strijd is met de identiteit van de school. Dit gold volgens de commissie niet voor de school in Volendam. Hoofddoekjes waren daar verboden, omdat de schoolleiding geen enkele vorm van hoofdbedekking accepteert, dus ook geen petten of keppeltjes.

De school geeft leerlingen wel verlof om bijvoorbeeld het islamitische Suikerfeest te vieren. Maar wie uitingen van de islam een vaste plek wil geven, neemt afstand van de grondslag van de school, zo betoogde de directie voor de CGB. Volgens dat college heeft de directie nooit eerder aangegeven dat het dragen van hoofddoekjes in strijd zou zijn met de identiteit van de school, alleen dat er een algeheel verbod op hoofdbedekking was.