Bij de voorplaat

Uitmuntende boksers moeten het zijn geweest. De Xenicibis xympithecus, een uitgestorven ibissoort uit Jamaica, had bizarre, knotsachtige vleugels. Daarmee deelden deze ibissen fikse meppen uit om zich te verdedigen tegen roofdieren of in strijd met soortgenoten. Dat is aannemelijk omdat verschillende vleugelbotten sporen van botbreuken en genezing vertonen. Met name het vergrote middenhandsbeen gaf de Xenicibis een gevaarlijke swing. Dat bot is massiever (maar nog altijd hol) en meer naar buiten gekromd dan in andere ibissoorten. De Xenicibis kon met zulke vleugels wel goed uithalen, maar ermee vliegen was onmogelijk. Nicholas Longrich en Storrs Olson ontdekten de fossiele resten van deze ibis in verschillende grotten (Proceedings of the Royal Society B, 5 januari). Toen zij een paar vleugelbotten hadden gevonden, dachten zij nog dat het vergroeide botten van een zieke ibis waren. Pas toen zij een volledige skelet aantroffen, realiseerden zij zich dat het ging om een uniek type vleugels. Veel andere watervogels zoals zwanen en eenden gebruiken hun vleugels ook als wapen. Sommige vogelsoorten dragen knobbeltjes en stekels op hun vleugels, maar een vogelsoort met zulke massieve vleugels als de Xenicibis was nog niet eerder bekend.[Lucas Brouwers]