Bevers gaan op tijd naar bed

In 2007 ontdekten onderzoekers op satellietfoto’s van Canadese meren zomaar een 850 meter lange dam. Gemaakt door: bevers!

En nu hebben Amerikaanse biologen zulke bevers voor het eerst ook van héél dichtbij bekeken. Ze hingen camera’s op in de burchten die bevers midden op hun lange dammen bouwen. Zo hielden ze maandenlang in de gaten hoe de slimme bevers zich binnenshuis gedragen.

Buitenshuis zijn bevers de ingenieurs onder de dieren. Ze bouwen hun dammen door een lange rij dikke takken in de bodem te steken. Daarna vlechten ze daar dunnere takken doorheen, en waar nodig verstevigen ze hun bouwsel met stenen en modder.

Gereedschap hebben bevers van nature. Takken klemmen ze tussen hun sterke tanden. Hun poten met zwemvliezen zijn flippers die zorgen voor snel transport over water. En hun platte staart is afwisselend spaan, roer of troffel om modder mee tussen de takken te metselen.

In de winter wordt de gemetselde modder van hun burcht zo hard dat zelfs een wolf (als die al over de dam had durven lopen, natuurlijk) er niet doorheen kan bijten. En de ingangen zitten, heel slim, onder water.

Maar nu hebben nieuwsgierige biologen dus toch binnen in die burcht kunnen spioneren. De bevers gedragen zich daar ook al een beetje zoals mensen, zo schrijven de wetenschappers in hun onderzoeksblad Mammalian Biology). Bevers verlaten bijvoorbeeld elke dag op dezelfde tijd hun burcht om aan de slag te gaan: om hun waterwerken te repareren of eetbare planten te zoeken. En binnen doen ze dingen die mensen thuis ook doen: zich wassen, slapen, eten en voor de kinderen zorgen.

Bevers gaan zelfs, net als mensen, op vaste tijden slapen. Nou ja, behalve de allerkleinsten. Die slapen net als mensenbaby’s de hele dag in korte rukjes. En ja, er blijft dan steeds een beverpapa of -mama wakker om voor ze te zorgen, zelfs al zijn die ouders beverig moe.