Vlak natuurlijk, heel weids

Hoe ruikt, smaakt of klinkt Nederland als je er niet bent opgegroeid? De Achterpagina vroeg een aantal geïmmigreerde schrijvers hoe Nederland de zintuigen prikkelt.

Vandaag: het oog. Vier auteurs over de vraag hoe Nederland er uitziet voor iemand van ‘buiten’.

Hoe ziet Nederland eruit? Vlak natuurlijk, heel weids, veel open ruimte tussen de steden en dorpen, daar kan een Belg alleen maar jaloers op zijn. Nederland heeft een zwerk, wolkenmassa’s die traag voorbij glijden of gewoon blijven hangen tot de nacht ze oplost.

Nederland is onze akelige lintbebouwing bespaard gebleven. Hollanders hebben nog een horizon tussen hun steden. Vlakke polders doorsneden met rechte grachten en kanalen. Ruitjespatroon. Weiland met koeien erin, minder hekken eromheen dan in België, de sloten houden het vee in de weiden. De linten van autosnelwegen, imposante bruggen, metershoge, kilometerslange geluidsweringen. Reusachtige reclame op palen of op de daken en gevels van bedrijven langs de snelwegen, fantasieloos. Kleine huizen, alles is kleiner dan bij ons terwijl de mensen meestal groter zijn. Madurodam in het groot.

In Nederland vallen ook de fietsers op. De typisch Hollandse rijwielen waar de bestuurder kaarsrecht op zit. Zodat hij tijdens het fietsen iets weg heeft van een mast. Zie je fietsen voorbijrijden, lijkt het ook altijd een beetje op het voorbij glijden van boten. Het maritieme aan land gebracht.

Maastricht is het meest Franse van alle Nederlandse stadjes. Terrasjes, panorama, gemoedelijkheid. Misschien dat het daardoor ook de indruk wekt een eigen microklimaat te bezitten, Maastrichts mediterraan. De wind lijkt minder guur, de zon milder, zonniger.

Ik kom er graag af en toe. Een buitenland in Nederland, de Maas die wat weg heeft van de Seine. Achter de bomen meen je bergen te zien, het blijven wolken, maar ze regenen niet.

Vlaming Elvis Peeters schrijft samen met Nicole Van Bael. Hun roman ‘De ontelbaren’ stond op de shortlist van de Libris Literatuurprijs 2006.