Schoenen uitdoen bij de deur, a.u.b.

Volgens eerste metingen na de brand in Moerdijk bevatte de rook geen verontrustende concentraties giftige stoffen.

Toch blijft voorzichtigheid geboden, zegt een toxicoloog.

Goed nieuws: het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft geen verontrustende concentraties van giftige gassen als benzeen, tolueen, enthylbenzeen aangetroffen in de rook die ontstond na de brand in Moerdijk, afgelopen woensdag.

Toch gaf de burgemeester van Dordrecht gisteren een duidelijke waarschuwing aan mensen in gebieden waar veel rook is geweest: laat kinderen niet buiten spelen, houd huisdieren binnen en eet geen groente uit eigen tuin.

Vrijgevestigd toxicoloog Marc Ruijten is gespecialiseerd in crisisbeheersing en hij legt uit hoe het kan dat er wel een waarschuwing voor de bevolking is uitgegaan.

Ruijten: „Direct na de brand zijn er metingen verricht naar de mogelijke vorming van giftige stoffen. Die metingen hebben aangetoond dat tijdens de brand geen verontrustende concentraties waren van stoffen als benzeen. Tenminste, niet in de lucht die mensen konden inademen. In de rook zaten wel allerlei giftige stoffen, maar die gingen door de hoge temperatuur naar boven zodat ze niet konden worden ingeademd.”

Waarom dan toch die waarschuwing?

„Er zijn ook andere metingen verricht, naar roetdeeltjes. Door de brand en rook worden die deeltjes in de lucht gebracht en op grote hoogte verspreid. Door regen of simpelweg de zwaartekracht komt dat roet op de grond terecht. Op dit moment staat nog niet vast wat de samenstelling van die roetdeeltjes is. Het RIVM doet er nog onderzoek naar.

„Over het algemeen geldt: contact met roetdeeltjes die vrijkomen door brand, kun je het best vermijden. Er kunnen stoffen inzitten die leiden tot prikkeling van de ogen of andere klachten. Juist omdat we dat nog niet weten, komt die burgemeester met die aanbeveling. Uit voorzorg.”

Zijn aanbeveling ging over spelende kinderen en het eten van eigen groenten. Waarom zo specifiek?

„Heel simpel: op en onder speelrekken liggen neergedaalde roetdeeltjes. Spelende kinderen krijgen dat aan hun handen, en vooral kleine kinderen brengen hun hand vaak naar hun mond. Hetzelfde geldt voor het eten van groenten. Als je die niet goed wast, loop je risico schadelijke stoffen binnen te krijgen.”

Volwassenen kunnen die roetdeeltjes toch ook op andere manieren binnenkrijgen? Of kunnen volwassenen gewoon beter tegen giftige stoffen?

„De burgemeester was zo specifiek in zijn waarschuwing omdat er een inschatting is gemaakt: wat zijn de belangrijkste blootstellingsroutes? Van volwassenen verwacht je nu eenmaal niet dat ze over de grond gaan kruipen en dan aan hun handen gaan likken. Kinderen krijgen bovendien meer stoffen binnen per kilo lichaamsgewicht. Maar ook voor volwassenen geldt in de door rook getroffen gebieden: doe je schoenen uit voordat je je huis binnengaat.”

Oh? Dat werd niet gezegd tijdens de persconferentie gisteren.

„Het is wel één van de aanbevelingen op crisis.nl, de overheidssite met informatie over de brand. Je voorkomt dat je roet mee je huis in draagt. De stelregel is eigenlijk simpel: vermijd voor de zekerheid contact met het roet.”

Hier en daar lees je al: dat roet is niet gevaarlijk.

„Als officiële instanties dat zeggen, bedoelen ze waarschijnlijk dat de bij de brand ontstane roetdeeltjes al dermate zijn verdund, dat de concentraties van eventuele schadelijke stoffen zeer laag zullen zijn. Herinnert u zich de serie uitbarstingen van de Indonesische vulkaan Merapi nog, vorig jaar? Het roet lag daar centimeters dik op de grond. Dát was schadelijk.

„Ik woon in Gouda, waar ook roet van de brand in Moerdijk is neergekomen. Met een witte plastic tas voor mijn deur heb ik zelf een meetoppervlak gemaakt. Er lag vanochtend maar een heel klein beetje roet. Het is ook goed mogelijk dat het roet de komende dagen het riool in spoelt: het KNMI voorspelt regen.”

Dan blijft de vraag: waarom is nog steeds onduidelijk waar dat roet precies uit bestaat?

„Zulke metingen kosten tijd. Het RIVM moet allereerst het neerslaggebied van de roetwolk in kaart brengen. Vervolgens moet men in de betreffende gebieden monsters nemen van het roet. Dat moet naar het laboratorium en het kost tijd, ondanks alle techniek, om die monsters goed te analyseren. Nog een paar dagen geduld.”