In de voetsporen van Gretzky

Het prestigieuze World Junior Hockey Championship in Amerika staat bekend als het WK ijshockey voor talenten. De legende Wayne Gretzky schitterde er ooit.

Duizenden Canadese ijshockeyfans stromen vanuit alle hoeken van Buffalo, een stadje in de Amerikaanse staat New York op de grens met Canada, naar het ijshockeystadion voor de finale tegen aartsrivaal Rusland. ‘This is our game’, staat op een van de spandoeken die een fan bij zich draagt. Canada is ijshockey. Alleen een gouden medaille is goed genoeg op het prestigieuze World Junior Hockey Championship, het belangrijkste internationale ijshockeytoernooi na de Olympische Spelen.

Twee Canadese biermerken hebben grote tenten naast de HSBC Arena in Buffalo geplaatst om de vele Canadese supporters vóór de grote finale te vermaken met Canadese livemuziek en bier. Televisies tonen de beelden van de wedstrijd om het brons tussen de Verenigde Staten, die in de halve finales door Canada werden verslagen, en Zweden. De Canadezen, overwegend gekleed in ijshockeyshirts van de nationale ploeg, blaken van zelfvertrouwen. „Ik maakte me zorgen voor de wedstrijd tegen de VS, maar de Russen hebben we al eerder verslagen dit toernooi. We zijn simpelweg sterker”, zegt Kelly Vipond, een 36-jarige ijshockeyfan uit Toronto wier vader ooit in de NHL, de profcompetitie in Amerika en Canada, speelde. „IJshockey zit in ons bloed. Een toernooi als dit is ontzettend belangrijk voor Canadezen.”

Alle grote sterren in de NHL zijn ooit begonnen op het World Junior Hockey Championship, het wereldkampioenschap voor ijshockeytalenten onder de twintig jaar. Zoals Wayne Gretzky, een van de grootste ijshockeylegendes uit Canada. Hij schitterde op zestienjarige leeftijd op de World Juniors en groeide later uit tot een topper in de NHL. En Sidney Crosby, de man van de golden goal tegen Amerika in de zinderende finale op de Olympische Spelen in Vancouver vorig jaar, was ook zestien toen hij indruk maakte tijdens de World Juniors. Hij treedt nu in de voetsporen van Gretzky als nationale held.

Canada kon dit jaar geen gebruik maken van enkele topspelers uit de NHL. Sommigen mogen qua leeftijd wel uitkomen voor het nationale jeugdteam, maar worden tegengehouden door de coach van hun club. Liam Maguire, een in Canada geliefde ijshockeyanalist, ziet dat als een gemis voor de talenten. „Op een internationaal toernooi als de Hockey Juniors leer je omgaan met druk en daar profiteer je van in je NHL-carrière.” Coach Dave Cameron besloot het gebrek aan technische spelers uit de NHL te compenseren met fysiek sterke spelers. Gedurende het hele toernooi blinkt Canada dan ook uit in bodychecks en ‘dirty goals’.

Sterren van het formaat van Gretzky of Crosby heeft het Canadese team in ieder geval niet. Canada komt in de finale op een 3-0 voorsprong, maar geeft die marge in de derde en laatste periode uit handen. Een handjevol Russen viert feest na de 3-5 overwinning, terwijl duizenden Canadezen teleurgesteld naar hun auto snellen om zich in een lange file door de grenscontroles te drukken.

„Dit is wreed, vorig jaar verloren we ook nipt in de finale”, aldus Ryan Sullivan, een 22-jarige ijshockeyfanaat uit Ottawa, woensdag na de wedstrijd. „Als Canadees groei je op met ijshockey. Je vader maakt een ijsbaantje in de achtertuin en je krijgt een stick in je handen als je net kunt lopen. Omdat hockey zo verweven is met de Canadese cultuur, verwacht iedereen dat Canada goud wint en ik verwacht dat zelf eigenlijk ook. Dan is verliezen op een groot toernooi als dit des te teleurstellender.”

Analist Maguire is enthousiast over het optreden van de Canadese equipe op het toernooi. „De Canadese spirit was zichtbaar bij alle spelers op het ijs.”

Ook MacLean ziet het positiever. „Dit is een grote teleurstelling, maar niet het einde van de wereld. We hebben goed gespeeld, maar de Russen waren beter. Canada was een team dat het hele WK echt als team opereerde. Het was niet altijd even mooi om naar te kijken, maar de Canadese ploeg heeft hard gewerkt en dat was fantastisch om te zien. Gelukkig blijft ijshockey onze sport, ook na deze nederlaag. Volgend jaar gaan we weer voor goud.”