Echtheid is een te koesteren illusie

Ongeveer eenderde van alle verhandelde kunst is vervalst. Stof genoeg voor een non-fictie thriller over een grote zwendel.

Laney Salisbury en Aly Sujo: Vervalst! De reconstructie van de brutaalste kunstzwendel ooit. Vert. Gerrit Jan Zwier. Meulenhoff, 352 blz. €19,95

Corot maakte 2.500 schilderijen, waarvan er 8.000 in Amerika zijn. Dit grapje staat in Vervalst! De reconstructie van de brutaalste kunstzwendel ooit van de Amerikaans-Britse onderszoeksjournalisten Laney Salisbury en Aly Sujo. Volgens Time, dat dit grapje al in 1934 publiceerde, was het aantal Corots in de Verenigde Staten zelfs 30.000.

Hoeveel schilderijen van anderen Jean-Baptiste Corot (1796-1875) als de zijne heeft gesigneerd, is niet bekend. Ook hoeveel van de nu verhandelde kunst is vervalst, valt alleen te schatten. In Vervalst!, een spannend boek over een grote Britse kunstzwendel in de jaren tachtig en negentig, worden experts aangehaald die menen dat twintig tot veertig procent van alle verhandelde kunstwerken op een of andere manier is vervalst. Bij sommige kunstsoorten, zoals de gemakkelijk te vervalsen Russische avant-garde van omstreeks 1920, is dit percentage zelfs hoger.

West-Europese moderne kunst is moeilijker te vervalsen dan Russische avant-garde, zo blijkt uit Vervalst!. De hoofdfiguur John Drewe, een klassieke con man, ging ingenieus te werk om ongeveer 200 valse Giacometti’s, Braques, Matisses, Ben Nicholsons en Le Corbusiers voor echt te laten doorgaan. Zonder bewijzen van herkomst en een lijst van eigenaren door de jaren heen, zijn kunstwerken niet goed verhandelbaar, zo ondervond Drewe. Hij werd een meester in het vervalsen van geschiedenissen en herkomsten van kunstwerken. Hij wist toegang te krijgen tot de archieven van gerenommeerde kunstinstellingen en galeries en stopte daar zelfgemaakte catalogi met afbeeldingen van de vervalste kunstwerken en andere gefingeerde bestaansbewijzen in. Door een schenking van 20.000 pond aan de Tate Gallery wist hij zelfs het vertrouwen van het bestuur van dit museum te winnen en kreeg hij de kans zijn valse documenten in het archief achter te laten.

Drewe speelde in op het gemeenschappelijk belang dat kunsthandelaren, -kopers, vervalsers en museumdirecteuren hebben. Niet alleen de vervalsers verdienen aan vervalsingen, maar ook kunsthandelaren. En kopers en museumdirecteuren hebben geen behoefte aan de verstoring van de illusie dat ze met authentieke kunstwerken te maken hebben. Alleen stichtingen die het erfgoed van kunstenaars beheren en bewaken, liggen soms dwars. In Vervalst! is dat de Giacometti Association in Parijs. Die weigerde een echtheidscertificaat af te geven voor een van Drewe’s Giacometti’s. Toch slaagde zelfs deze stichting er niet in om Drewe te ontmaskeren. De eigenaar van het doek weigerde het ter beoordeling naar de Giacometti Association te sturen en liet zich door nieuwe valse documenten van Drewe overtuigen dat hij werkelijk een heel goede, echte Giacometti in handen had.

Salisbury en Sujo hebben voor Vervalst! tientallen betrokkenen gesproken en vele duizenden pagina archiefmateriaal doorgeploegd. Hun bevindingen hebben ze, zoals tegenwoordig steeds vaker gebeurt met non-fictie, geschreven als een soort roman, vol details die verzonnen lijken of zijn. Over de schilder John Myatt, die de vervalsingen voor Drewe maakte, weten ze bijvoorbeeld te vertellen dat een leeg doek hem aanstaarde of dat hij een stap naar achteren deed om een vervalsing te beoordelen. Deze benadering zorgt ervoor dat Vervalst! leest als een detective.

Dat Drewe uiteindelijk tegen de lamp loopt, komt door hemzelf. Je krijgt sterk het gevoel dat hij nooit zou zijn gearresteerd als hij zijn oplichterij had beperkt tot kunst. Maar Drewe blijkt een pathologische leugenaar die zijn hele leven heeft verzonnen. Hij geeft zich uit voor een gerenommeerd natuurkundige, maar heeft zijn middelbare school niet afgemaakt. En hij licht niet alleen kunsthandelaren op, maar ook zijn vrouw Batsheva Goudsmid. Dankzij haar gaat het ten slotte mis. Niet lang na hun dramatische echtscheiding ziet ze hem toevallig in een café zitten. Ze wil naar binnen stormen om hem de huid vol te schelden, maar voor ze daar de kans toe krijgt, verlaat hij overhaast het café en vergeet zijn tas. Goudsmid overhandigt die aan de politie. De inhoud – paperassen en archiefstukken, stempels, pincetten enzovoorts – is de sleutel tot Drewe’s ontmaskering.

Drewe krijgt zes jaar gevangenisstraf en komt na vier jaar in 1999 vrij. Sindsdien leeft hij van de naar schatting twee miljoen pond die hij met zijn vervalsingen heeft opgestreken. Maar de schade die hij in de kunstwereld heeft aangericht, is nog niet ongedaan gemaakt. De archieven zijn niet allemaal geschoond van Drewe’s valse documenten en veel van de tweehonderd vervalsingen die hij heeft laten maken, moeten nog altijd in musea en galeries hangen. Hoeveel precies, weet niemand.