Doodstraf Nederlandse in Iran

De Nederlands-Iraanse Zahra Bahrami is in Iran ter dood veroordeeld wegens drugssmokkel. Dat meldt de Wereldomroep, die met haar dochter sprak. Het vonnis werd zondag al uitgesproken, maar werd gisteren pas bekend. Volgens haar dochter omdat de advocaat van Bahrami een zwijgplicht kreeg opgelegd.

Minister Rosenthal (Buitenlandse Zaken) heeft de Iraanse ambassadeur om opheldering gevraagd. „We dringen aan op informatie, de mogelijkheid om haar consulaire bijstand te verlenen en een eerlijke rechtsgang.”

De 45-jarige Bahrami werd eind 2009 in Teheran opgepakt op verdenking van ‘oppositionele activiteiten’ en drugsbezit. Midden jaren negentig was ze met haar zoon uit Iran naar Spijkenisse verhuisd. Ze bezit de Nederlandse nationaliteit en spreekt vloeiend Nederlands. Sinds 2006 woonde Bahrami in Londen. Op 31 december 2009 werd ze klemgereden door een arrestatieteam, vier dagen na een treffen tussen antiregeringsdemonstranten en ordetroepen. Ze vertoefde toen al enkele maanden in de Iraanse stad Karaj, vlakbij Teheran. Uit het politiedossier bleek dat Bahrami in Londen korte tijd lid was van het Verbond van Monarchisten, een schimmige organisatie die in Iran verantwoordelijk wordt gesteld voor talloze bomaanslagen.

De Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad zei begin september dat de Nederlandse ambassade haar belangen had mogen behartigen als ze van oorsprong Nederlands zou zijn geweest. „Maar voor een geboren Iraniër is dat uitgesloten.”

Buitenlandse Zaken verklaarde steeds met stille diplomatie te proberen haar straf te verminderen. Bahrami’s advocaat zei in december tegen NRC Handelsblad dat Nederland „niets” deed voor haar. (NRC)