Epische beelden zonder deadlines

Eugene Smith dreef iedereen tot wanhoop, maar maakte fenomenale foto’s.

In Foam nu een deel van zijn breed uitgemeten verhalen.

De Amerikaan Eugene Smith was een weergaloos fotograaf, vonden zijn opdrachtgevers. Maar ondertussen dreef hij hen tot wanhoop. Hij trok zich van geen deadline wat aan. Van weken maakte hij maanden, van maanden desnoods jaren. Gevraagd om tien pagina’s kwam hij met twintig, vijftig foto’s werden vijfhonderd. En dat alles vergezeld van teksten en gedetailleerde lay-outvoorstellen: zo moest het en niet anders. Tegenspraak betekende ruzie.

Smith (1918-1978) was het prototype van de perfectionist. Zelfs zichzelf dreef hij ermee tot wanhoop – de spanningen die de hoge zelf gestelde eisen opleverden, bevocht hij met overdadige hoeveelheden alcohol, amfetaminen en medicijnen. Ondanks – of beter wellicht: dankzij – al die (on)hebbelijkheden maakte Smith een monumentaal oeuvre dat bewaard wordt in het Center for Creative Photography in Tucson.

Uit dat archief zijn ook de pakweg 200 zwart-witfoto’s (alle vintage prints) afkomstig die momenteel onder de titel More Real Than Reality te zien zijn in het Amsterdamse fotomuseum Foam.

Hoewel de omvang anders kan doen vermoeden is de verzorgde presentatie, oorspronkelijk gemaakt door en voor La Fabrica in Madrid, allerminst een oeuvreoverzicht. Het vroege journalistieke werk bijvoorbeeld ontbreekt. De expositie legt de nadruk op het ‘genre’ waaraan Smith zijn faam vooral dankt: het foto-essay, de beeldverhalen waarin hij de beslommeringen van ‘gewone mensen’ op vaak epische wijze gestalte gaf. Die essays werden vooral gepubliceerd in het tijdschrift Life waaraan hij, met onderbrekingen, van 1939 tot 1955 verbonden was.

Hoewel de beperking de fotograaf Smith niet helemaal recht doet, laat ze hem wel van zijn sterkste kant zien: als de steevast geëngageerde, persoonlijk betrokken verteller van beeldverhalen, meestal handelend over mensen die hun leven in het teken stellen van anderen – net als de fotograaf zelf dus: een allerminst toevallige bijkomstigheid.

Smiths bekendste en ook in deze presentatie weer centraal geplaatste verhalen gaan over een plattelandsdokter die vrijwel in zijn eentje een compleet ziekenhuis vormt, over een zwarte vroedvrouw in het armetierige South Carolina of over het werk van de arts (en winnaar van de Nobelprijs voor de vrede) Albert Schweitzer in Frans Equatoriaal Afrika.

Breed uitgemeten verhalen maakte hij ervan, waarin landschap, inwoners en levensomstandigheden een even grote rol spelen als de ‘helden’ die in zijn relaas de hoofdpersoon zijn.

Omslachtig inderdaad, net als zijn rond 1950 gemaakte verhaal over het Spaanse dorpje Deleitosa waarin de pastoor langs wandelt, een ezel de watermolen aandrijft, kinderen op het pleintje brood verkopen, vrouwen een dodenwake houden en je je gaandeweg de 46 foto’s afvraagt wanneer hij tot de kern zal komen. Om je ineens te realiseren dat die kalme, eenvoudige afwisseling van taferelen nu juist de essentie is: al wandelend verken je omvang van het stugge, armoedige dorpsleven.

Na zijn vertrek bij Life in 1955 vond Smith even onderdak bij het fameuze agentschap Magnum. Zijn eerste opdracht: in een paar weken enkele foto’s maken voor een jubileumboek over de staalstad Pittsburgh. Nee, vond Smith. Pittsburgh stond symbool voor heel Amerika, de stad verdiende een ode. Vier jaar bleef hij er aan werken zonder het ooit af te krijgen. Magnum zette hem buiten de deur.

Maar eigenlijk is deze Pittsburgh-zaal het beginpunt door de parafernalia waarmee Smith de visuele wanorde probeerde te beteugelen. Het laat zien hoe moeizaam ogenschijnlijke eenvoud tot stand komt.

tentoonstelling

Eugene Smith: More Real than Reality

T/m 16 maart 2011 in Foam, Keizersgracht 609, Amsterdam. Inl. foam.nl****