Dioxinebesmetting legt Duitse boerderijen plat

Honderden boerenbedrijven uit de Duitse deelstaten Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen liggen stil. Er is namelijk op één boerderij dioxine aangetroffen.

Een schok voor de consumenten en de grote landbouw- en voedingsmiddelenbranche in Duitsland: in veevoer is de giftige stof dioxine aangetroffen. Honderden boerderijen in de deelstaten Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen zijn uit voorzorg op last van de Duitse landbouwautoriteiten stilgelegd. De getroffen boeren mogen hun eieren, pluimvee of varkens voorlopig niet verkopen.

In de deelstaat Noordrijn-Westfalen zijn maandag op een boerderij achtduizend leghennen gedood, die met dioxine verontreinigd voer hadden gegeten. Volgens het Duitse ministerie van Landbouw zouden ongeveer 120.000 eieren van het getroffen landbouwbedrijf in omloop zijn gebracht. Acuut gevaar voor de volksgezondheid bestaat er niet, aldus een woordvoerder.

De stilgelegde Duitse boerenbedrijven kunnen, blijkens klantenlijsten, veevoer hebben gebruikt waarin vet is verwerkt van de firma Harles & Jentzsch uit Uetersen in de deelstaat Sleeswijk-Holstein. Dit bedrijf staat bekend als specialist op het gebied van de verwerking van dierlijke en plantaardige oliën en vetten.

Wat er precies is misgegaan bij Harles & Jentzsch is vooralsnog onduidelijk. Volgens productieleider Siegfried Sievert is bij een routinecontrole vastgesteld dat plantaardig vet vermengd is geraakt met ‘technisch’ vet dat met dioxine was verontreinigd.

In de lokale krant Westfalen-Blatt gaf Sievert eerder toe dat Harles & Jentzsch fouten heeft gemaakt: „We hebben lichtvaardig aangenomen dat mengvetzuur (Mischfettsäure) dat bij de productie van biodiesel uit palm-, soja- en koolzaadolie vrijkomt, geschikt is om in veevoer te worden gebruikt.”

Kennelijk is het mengvet al veel langer in gebruik als grondstof voor veevoer. De Duitse landbouwautoriteiten hebben intussen tal van vetproeven genomen bij Harles & Jenzsch. De uitslagen daarvan worden over enkele dagen verwacht. Zoals meestal bij zulke affaires, eindigt het spoor niet bij de vetmaker in Uetersen. Harles & Jentzsch heeft in dit geval zijn vet betrokken van een niet met name genoemd Nederlandse tussenhandelaar, die op zijn beurt de mengvetten heeft gekocht van de biodieselproducent Petrotec AG, met fabrieken in Emden en Borken.

Petrotec bevestigt vetten aan de Nederlandse onderneming te hebben geleverd. Maar, zo stelt het bedrijf met nadruk, „dat zijn vetten die bestemd zijn voor technisch gebruik en niet voor de levensmiddelen- of veevoerindustrie.” Dat blijkt volgens Petrotec ook eenduidig uit schriftelijk vastgelegde verkoopcontracten.

De nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) is maandagavond een onderzoek gestart naar het Nederlandse bedrijf. „Het bedrijf wordt vooralsnog nergens van verdacht”, vertelt een woordvoerder van de nVWA. „De fout is zeer waarschijnlijk in Duitsland gemaakt, maar voor de zekerheid gaan wij nu in kaart brengen wat er precies is gebeurd.”