Amerikaanse automakers keren terug uit het graf

Amerikaanse automakers nemen weer nieuw personeel aan. Werknemers in een Ford-fabriek in Kentucky. Foto AP / Ford / Sam VarnHagen

De Amerikaanse auto-industrie krabbelt op uit de recessie van 2008 die een bedrijf als GM tot faillissement dreef. Autoverkopen en aandelenkoersen zijn vorig jaar voor het eerst weer gestegen en men is optimistisch over verder herstel in 2011, zo blijkt uit gisteren gepubliceerde cijfers. De auto-industrie is van groot belang voor de Amerikaanse economie.

GM en Ford gaan goed, Toyota heeft terugval
GM, dat in 2008 door de overheid moest worden gered, en Ford doen het goed. Ford heeft zelfs de tweede positie overgenomen van Toyota, het bedrijf dat ooit de Amerikaanse concurrenten leek te gaan vernietigen. Toyota is het enige bedrijf dat in 2010 juist een daling van de verkoopcijfers zag en fors marktaandeel verloor. Dit was een reactie op veiligheidsproblemen waardoor het bedrijf duizenden auto’s moest terughalen naar de fabriek.

De aandelenkoers van GM is sinds de beursgang in november met 13 procent gestegen. GM werd toen naar de beurs gebracht door de overheid dat GM uit faillissement had gered. De aandelenkoers van Ford, de enige Amerikaanse autofabrikant die geen overheidssteun kreeg, steeg in 2010 met 70 procent.

Het dieptepunt van 2009 is definitief voorbij
Het aantal verkochte auto’s lag in 2010 11 procent hoger dan een jaar eerder. De grote producenten verwachten voor dit jaar een stijging met nog eens datzelfde cijfer tot een totaal van 12,5 à 13 miljoen auto’s.

Niemand verwacht vooralsnog een terugkeer naar de glorietijd van 2005 toen 17,4 miljoen auto’s de showroom verlieten. Al is het maar omdat de automakers veel fabrieken hebben gesloten en niet meer wanhopig hun overproductie hoeven te slijten tegen bodemprijzen. Maar het dieptepunt van 2009 (10,6 miljoen auto’s) is definitief voorbij, zo is de stemming.