Meer Afrikanen, meer problemen

In 2011 is Afrika 1 miljard inwoners ruim voorbij.

Demograaf John Cleland voorziet dat bevolkingsgroei leidt tot meer massamigratie, instabiliteit en honger.

Juist omdat hij met hen begaan is, wenst John Cleland (68) dat er vanaf komend jaar minder Afrikanen bijkomen. „Als we niets tegen de explosieve bevolkingsgroei in Afrika doen, wordt de situatie in sommige landen onhoudbaar”, zegt Cleland, demograaf en hoogleraar aan de London School of Hygiene & Tropical Medicine, aan de telefoon. „De alarmbellen zouden moeten rinkelen.”

Afrika is het snelst groeiende continent. Terwijl in Europa de bevolkingsgroei afneemt, telt Afrika nu meer dan twee keer zoveel bewoners als in 1980. Vorig jaar werd de miljardste inwoner geboren. Als er niets verandert, heeft Afrika in 2050 volgens de Verenigde Naties twee miljard inwoners – bijna een op de vier aardbewoners.

John Cleland waarschuwt al jaren voor de negatieve gevolgen van ongebreidelde bevolkingsgroei. Samen met de Amerikaanse bevolkingsexpert Steven Sinding schreef de Brit in 2005 in het wetenschappelijke tijdschrift The Lancet dat hoge geboortecijfers een grotere bedreiging voor arme landen zijn dan aids.

Tot welke problemen leidt de bevolkingsgroei in Afrika?

Cleland: „Extreme armoede en honger worden nog moeilijker op te lossen. Dat maakt het ook moeilijker om andere belangrijke doelstellingen te realiseren, zoals meer scholing en betere ziektepreventie. Misschien neemt de grootschalige migratie binnen Afrika toe. Die kan spanningen creëren. In landen met fragiele ecosystemen, met name in de Sahel en de Hoorn van Afrika, dreigen voedseltekorten nog groter te worden. In Niger en Ethiopië zijn al miljoenen mensen permanent afhankelijk van buitenlandse voedselhulp.”

Wat is de oplossing?

„Gezinsplanning. Afrikaanse en westerse regeringen en hulporganisaties moeten meer geld en aandacht besteden aan ‘reproductieve zorg’: betere beschikbaarheid van voorbehoedsmiddelen, seksuele voorlichting en medische behandelingen. Zodat Afrikanen niet langer zes of zeven kinderen krijgen, maar drie of vier.”

Is dat te beïnvloeden? Afrikanen zien het hebben van veel kinderen vaak als oudedagsvoorziening of als statussymbool.

„Gedrag ís beïnvloedbaar, dat hebben we gezien met condooms. Sinds de aidscrisis begin jaren negentig in Afrika zijn die veel breder geaccepteerd geraakt. Aids raakt mensen natuurlijk in het hier en nu. We moeten duidelijk maken dat bevolkingsgroei op termijn ook voor enorme problemen kan zorgen. Met condooms sla je trouwens twee vliegen in één klap: je voorkomt besmetting met hiv én je voorkomt ongewenste zwangerschappen.”

Zolang de meeste Afrikanen amper kunnen rondkomen op het platteland of in de informele economie, zullen zij veel kinderen willen nemen.

„Ik zie niet snel voldoende werkgelegenheid in Afrika ontstaan, nee. Maar desondanks kunnen geboortecijfers omlaag, dat heeft zuidelijk Afrika bewezen. In landen als Botswana en Zambia zijn de cijfers flink gedaald. De politiek heeft zich er voor ingezet. Publiekscampagnes zijn extra belangrijk in landen met een grote ongeletterde bevolking .”

De bevolkingsgroei in Afrika speelt zich vooral af in de steden. Is dat een voor- of nadeel?

„Het voordeel is dat geboortecijfers afnemen in een stedelijke omgeving. Stadsbewoners komen sneller in aanraking met voorbehoedsmiddelen en seksuele voorlichting. Het nadeel is dat er verpauperde massa’s ontstaan. In Nairobi leeft de helft van de bevolking in krotten. Dat is een voedingsbodem voor onvrede die politiek gemanipuleerd kan worden. In Nairobi gingen sloppenwijkbewoners elkaar na de omstreden verkiezingen van december 2007 te lijf.”

Bent u hoopvol over oplossingen?

„De geboortecijfers in Afrika zullen onvermijdelijk omlaaggaan. De huidige bevolkingsgroei valt simpelweg niet vol te houden. Ik hoop alleen dat de cijfers zullen dalen voordat problemen daartoe dwingen. De Amerikaanse president Barack Obama heeft in elk geval een cruciaal besluit genomen door weer overheidsgeld te geven aan hulporganisaties in de Verenigde Staten die condoomgebruik propageren. Zijn voorganger had dat verboden.”