Kalkoenballen met paprikasaus

Het verhaal De trechter van Anton Koolhaas speelt zich af op een kalkoenenkwekerij. Ik had het er gisteren al over en herlas het maar weer eens. Wat een geweldig verhaal is het toch. De kalkoenen zijn allemaal erg deftig en doen of ze niets glorierijkers overkomen zal dan hun dood. De kuikens krijgen, als ze

Het verhaal De trechter van Anton Koolhaas speelt zich af op een kalkoenenkwekerij. Ik had het er gisteren al over en herlas het maar weer eens. Wat een geweldig verhaal is het toch. De kalkoenen zijn allemaal erg deftig en doen of ze niets glorierijkers overkomen zal dan hun dood. De kuikens krijgen, als ze nog maar net uit het ei zijn gekropen, van een oudere kalkoen op nadrukkelijke toon te horen ‘aan het einde wacht het mes’. Er is niets belangrijkers in het kalkoenenleven dan goed eten om uiteindelijk het mes waardig te worden, dat leren de kuikens al snel begrijpen.

„Die oudere kalkoenen van de kwekerij gedroegen zich op een manier, welke de kuikens al spoedig als buitengewoon nobel trof. Er waren vele koningen en koninginnen onder. Eigenlijk allemaal, behalve degenen die al een jaar ouder waren en de slacht hadden overleefd.

Waarom, dat was niet zomaar duidelijk. Men vroeg er Tukrina naar en die zei dan: ‘ook ik ben eens een koningin geweest…’ en dan wendde ze zich af. Het was dus iets dat over kon gaan. Maar hoe werd je het en hoe ging het eventueel weer over? De zeer jonge kalkoen Nuurvik had eens alle moed bijeen gezameld en de vraag rechtstreeks aan koning Thuur gesteld.

‘Men wordt koning door geboorte’, zei de koning Thuur.

Dat was begrijpelijk.

‘Maar hoe kan het dan weer weg gaan, gelijk bij koningin Tukrina?’ vroeg Nuurvik toen.

‘Men sloeg haar dood over,’ sprak koning Thuur. ‘Daarin lag haar onkoninklijk falen. Zij bleek te licht, het mes ontging haar, de trechter bleef ledig…’ ”

Het verhaal gaat over een paar van de koningen die gedachten krijgen. Dat is bij Koolhaas altijd gevaarlijk. Gedachten gaan in tegen de orde der dingen en dat kan het individu noodlottig worden.

Je denkt makkelijk aan dat verhaal als je kalkoen eet. Eigenlijk zou iedereen van tijd tot tijd eens aan Koolhaas moeten denken.

Van restjes kalkoenvlees, of, voor wie dat wil van restjes kip, of zelfs van helemaal geen restjes maar gewoon rauwe gemalen kalkoen of kipfilet, kun je heel lekkere balletjes maken. Je zou er echt apart vlees voor kopen, zo smakelijke zijn ze, zeker met de pittige saus. En niet vet.

Week het brood even in een beetje water, knijp het uit en doe het met wat zout en alle andere ingrediënten en behalve de maïskorrels in de mengkom van een keukenmachine. Vermaal het tot een pasta. Kneed met de hand de maïskorrels erdoor en vorm platte schijven die in een koekenpan kunnen worden gebakken in een beetje olie.

Rooster voor de saus de paprika’s en ontvel ze. Hak de knoflook fijn, ontzaad het pepertje en maal alles bij elkaar in een blender tot een gladde saus.

Proef op zout en serveer de saus met de kalkoenballen.

Kalkoenballen met paprikasaus

500g kalkoen- of kipvlees

3 sneetjes brood zonder korst

2 eieren

4 lente-uitjes

wat peterselie

2 tl gemalen komijn

peper & zout

klein blikje maïskorrels

zonnebloemolie om te bakken

voor de saus:

3 rode paprika’s

3 el olijfolie

een paar takjes verse koriander

1 teentje knoflook

1 klein rood pepertje

2 el witte wijnazijn

1 el honing