Met de bondscoach sms'en tijdens WK

Erik Oudshoorn over de verloren WK-finale van het Nederlands elftal.

In de pendelbus van Sandton naar de andere kant van Johannesburg, volgens velen de enige mogelijkheid om deze dag het Soccer City stadion te bereiken, is er even tijd voor bezinning. Een winderige, gure avond valt over de stad als op 11 juli 2010 de finale van de Greatest Show on Earth wordt gespeeld, het WK voetbal. 1974 en 1978 hebben voor Nederlandse voetballiefhebbers één ding gemeen: frustratie achteraf voor velen.

De eerste finale: een trend zetten met totaalvoetbal, maar in de maling genomen door een stel West-Duitsers. De tweede: vijf centimeter van de wereldtitel in de heksenketel van Buenos Aires – de bal op de paal van Rob Rensenbrink, kort voor tijd. Sportjournalisten hebben daarna moeite de draad weer op te pakken in onze Mickey Mouse-competitie.

Sms’jes uit Nederland van vrienden. Ze beseffen de historische betekenis van de belangrijkste bijkomstigheid voor honderden miljoenen op deze aarde. Ik sms bondscoach Bert van Marwijk over zijn populariteit in Nederland, ook onder vrouwen. Over de tactiek heb ik het niet. Voor de wedstrijd tegen Japan had ik zeer betrouwbare info over hun strijdwijze. Maar toen bondscoach Takeshi Okada erachter kwam dat een speler van de selectie had gelekt naar een Japanse journalist, maakte hij op het laatste moment andere keuzes. Sms’je terug van Van Marwijk met een bedankje. Dat wijst op een relaxte houding.

In de finale is juist dat rustige gevoel er niet bij de spelers. De Spanjaarden hebben twee jaar eerder onder hoogspanning een EK-finale gespeeld (en gewonnen). Zij zijn zichzelf, Oranje niet. Op het middenveld moet te vaak de handrem worden aangetrokken om in balbezit te komen. Dat levert pittige overtredingen op, zoals die van Nigel de Jong op Xabi Alonso. Van Marwijk, die onlangs de wedstrijd op video terugzag, zegt nu: „Bij het eerste beeld zie je dat geen sprake is van opzet. In de herhaling lijkt het veel erger dan het was.”

Een half jaar later nog maar eens de officiële wedstrijdstatistieken erbij gepakt. De Jong begaat volgens de cijfers slechts één bestrafte overtreding! Mark van Bommel is koploper in de harde strijd met vijf overtredingen, Giovanni van Bronckhorst in zijn afscheidswedstrijd een goede tweede met vier. Nederland heeft in 120 minuten 28 overtredingen nodig, Spanje 19. Opvallend is dat matchwinner Andres Iniesta incasseert (acht keer), maar ook uitdeelt (vier maal).

Van Marwijk: „Als je goed kijkt, zie je dat de Spanjaarden de eerste klappen uitdelen. Totaal onnodig.”

In de eerste helft kan Oranje met 2-0 achterkomen, maar de Spanjaarden zijn slordig voor het doel en voeren de combinaties te ver door. Zoals wel vaker is ook deze WK-finale foeilelijk. Het Moment van Arjen Robben zorgt voor ongeloof op de perstribune. Natuurlijk moet hij de liggende Iker Casillas omspelen, maar aan de andere kant is het een wonder dat de Spaanse doelman met zijn teen nog de bal raakt, terwijl hij naar de andere kant valt. Fernando Torres, geblesseerd tijdens het hele WK, mag na een kwartier in de verlenging invallen en kan aan het einde van het duel niet meer lopen. Ook andere Spaanse strafschopnemers zitten er doorheen of zijn gewisseld. Op de stip gloort de wereldbeker voor Nederland. Maar tegenover het inbrengen van de offensief ingestelde Cesc Fabregas bij Spanje staat dat Oranje de defensieve steunpilaren Van Bronckhorst (geblesseerd), De Jong (gewisseld) en John Heitinga (tweede geel) mist. Dat schept ruimte voor Iniesta om zijn gouden treffer te maken.

Van Marwijk: „Ik wisselde De Jong voor Rafael van der Vaart. Je probeert toch iets te forceren om strafschoppen te voorkomen. Ik ging er al helemaal van uit dat die de beslissing zouden brengen, tot Iniesta scoorde. Daar gingen een paar vervelende momenten aan vooraf. We verdienden een ongelooflijk duidelijke corner die we niet kregen. Eljero Elia had recht op een vrije trap toen hij tussen twee spelers in de mangel werd genomen. En kort voor het doelpunt maakte Van der Vaart een sliding waardoor Iniesta hartstikke buitenspel kwam te staan. Scheidsrechter Howard Webb floot in de slotfase wel heel ongelukkig. Ik heb me er voor de finale niet al te druk over gemaakt, maar hij had ook de verloren groepswedstrijd van Spanje tegen Zwitserland geleid.”

Achteraf voelt deze nederlaag minder frustrerend dan die in de twee andere finales. Het voetbal van Spanje is beter, simpel. Maar de ontgoocheling neemt weer toe naarmate er een mythe wordt gecreëerd rond de actie van Robben en de vermeende angst van de Spanjaarden.

Van Marwijk moet zich na afloop in het Soccer City stadion ten overstaan van de wereldpers verantwoorden voor het harde spel. Gelegenheid voor vragen over de wedstrijd is er niet. Daarom sms ik later: wat was er met Kuijt, die in de 71ste minuut werd gewisseld? Hij is door de hele staf als de minste speler aan Oranjezijde gezien, blijkt later. En waarom geen Klaas-Jan Huntelaar voor spits Robin van Persie? Antwoord: „Daar hebben we het later nog over.”

Nu zegt Van Marwijk: „Robin deed in de finale niet zoveel verkeerd. Ik hoopte tot het laatste moment dat hij het verschil zou maken. Klaas was na twee seizoenen zonder wedstrijdritme toen nog niet de spits met de dodelijke trefzekerheid van nu. Een wereld van verschil.”

Oranje vliegt meteen na de finale naar Nederland. Ik bel om kwart voor vier in de nacht Henk Kesler, toen nog directeur betaald voetbal van de KNVB, op het vliegveld. Jack van Gelder heeft bij de NOS verklaard dat Van Marwijk is overladen met aanbiedingen en zal vertrekken. Ik weet het antwoord al, maar bel toch. „Een broodjeaapverhaal”, zegt Kesler. „Wat ik van het toernooi vind? Goed, tot de finale. Maar ik zit hier nu te kaarten met wat spelers en ben niet in de stemming om lastige vragen te beantwoorden.”