Goede voornemens

Het Nieuwjaarsritueel heeft twee gezichten. Allereerst zijn er de met een glas of een mobieltje in de hand overgebrachte ‘beste wensen’. Dat is de altruïstische kant: het gaat om het geluk en welzijn van de ander. De andere kant is de wens tot zelfverbetering: de goede voornemens. Nieuwjaarswensen zijn gebeden; goede voornemens zijn dappere pogingen het heft in eigen hand te nemen, bijvoorbeeld door af te vallen en slechte gewoontes op te geven. Aan jezelf werken, heet dat.

Op dit korte golfje van goede wil vaart de commercie mee, want al die zelfverbeteraars vormen een interessante markt. ‘Goede voornemens voor 2011? Wissel nu je sportschoolabonnement in voor EA SPORTS Active 2!’. Het economisch bureau van ING heeft uitgezocht dat Nederlanders er gemiddeld 450 euro over hebben om hun voornemens voor 2011 ten minste een jaar vol te houden.

Nederlanders zijn de afgelopen halve eeuw niet minder religieus geworden, hun religiositeit heeft andere vormen aangenomen. Die komen vaak neer op wat de New Age-beweging de Viering van het Zelf noemt. Opvoeding en maatschappij, zegt New Age, hebben je het zicht benomen op je ware Zelf. Dat Zelf naar buiten brengen, daarin schuilt de verlossing en het geheim van een goed leven.

Zo legt het Spiritualiteitcentrum uit dat goede voornemens op niets uitlopen zolang je je verzet tegen de gewoonten die je wilt afleren. „De sleutel is jezelf niets te verbieden. Ga er eens lekker voor zitten en maak het gezellig voor jezelf. Kies het mooiste wijnglas of de lekkerste chips die je kunt vinden en sta jezelf toe om bewust te genieten van iedere zintuiglijke sensatie. Door bewustzijn te brengen in wat je doet, kun je opmerken dat je lichaam er op een gegeven moment genoeg van heeft, terwijl je voorheen overgeleverd was aan de onbewuste drang om meer te eten of te drinken dan voor het lichaam eigenlijk prettig voelt.”

Al die zelfzoekerij wordt geëxploiteerd en gestuurd. We willen allemaal onszelf uitdrukken, maar dan wel zoals de wereld van consumptie en reclame dat voorschrijft. Vandaar de lange rijen voor Ikea.

Dirk Vlasblom