Starboeks

nrc.next vroeg negen kenners naar de belangrijkste onopgemerkte ontwikkeling van de afgelopen tien jaar. Schrijver P.F. Thomése over literaire eenvormigheid.

‘Hoe meer er van iets bestaat, des te meer zijn mensen geneigd om hetzelfde te verlangen.” Schrijver P.F. Thomése vindt het doodzonde dat mensen het laatste decennium in toenemende mate dezelfde boeken zijn gaan lezen. Alles moet het liefst gemakkelijk weglezen en mag maar weinig afwijken van de boeken en de verteltrant die we kennen, zegt Thomése.

Dat mooie, vernieuwende boeken onderbelicht blijven is het gevolg van snobisme, volgens hem: „Iedereen wil het juiste boek hebben gelezen en wil kunnen meepraten, in plaats van een eigen verhaal vertellen. We moeten de laatste van Jonathan Franzen in huis hebben, of je moet kunnen vertellen dat je de autobiografie van Keith Richards hebt gelezen.”

Welk boek heeft volgens Thomése daardoor onterecht te weinig aandacht gekregen, afgelopen decennium? Billy Doper van dichter Jacob Groot – een vriend van Thomése. Het boek (uit 2008) is één van Groots weinige proza, maar Billy Doper is een buitengewoon origineel en briljant geschreven boek, zegt Thomése. En Jacob Groot vindt hij een taalvirtuoos van de eerste orde. „Ik begrijp niet dat hij steeds is overgeslagen met al die prijzen die we hier in Nederland elk jaar weer uitdelen. Er zou toch een kleine, maar begripvolle groep lezers in Nederland moeten bestaan die dit werk waardeert.”

Billy Doper is een poëtische vertelling over een man in Parijs, die vanuit zijn huis droomt van de stad die aan zijn voeten ligt. Een simpele basis, maar het verhaal is lyrisch, geestig en filosofisch tegelijk, vindt Thomése. Dat is ondergewaardeerd gebleven, omdat Nederlanders niet meer gewend zijn om iets te lezen wat geen gemakkelijke bloggerstaal of spreektaal is. Ze nemen geen tijd meer om zich een gedichtentaal, een kunstmatige taal eigen te maken. Dat afwijkende zien ze als negatief, in plaats van als teken van briljantheid. „Terwijl ik nog nooit zoiets heb gelezen als Billy Doper.”

Zonde dat we geen tijd meer nemen om de taal in al zijn grilligheid te bewonderen, zegt Thomése: „We hebben er de rust en het geduld niet meer voor om de taal tot ons te nemen en ons eigen te maken, zoals we in een hortus botanicus de bloemen bewonderen.”

Ziet Thomése nog typische kenmerken van de afgelopen tien jaar terug in deze roman? „Hooguit de vanzelfsprekendheid van pornografie in het verhaal. Porno bestond vroeger uit bezoedelde, verstopte blaadjes, maar komt de laatste jaren met gemak via internet alle huiskamers binnen. Dat zie je ook in dit boek terug.”

Annemarie Kas

P.F. Thomése is schrijver. Hij schreef onder andere ‘Schaduwkind’ (2003), ‘Vladiwostok!’ (2007) en ‘J. Kessels: The Novel’ (2009). Dit jaar kwam ‘De Weldoener’ uit.