Spaanse politie martelde leden ETA

Vier Spaanse politieagenten van de Guardia Civil zijn gisteren veroordeeld wegens het martelen van ETA-leden die waren gearresteerd voor de bomaanslag op het vliegveld Madrid-Barajas eind 2006. De rechter achtte de vier schuldig aan mishandeling en doodsbedreiging in 2008 van de twee leden van de Baskische afscheidingsbeweging, Mattin Sarasola en Igor Portu.

De agenten zetten Sarasola onder meer een pistool tegen het hoofd, zo bleek uit een verslag tijdens de rechtszaak. Portu werd meerdere malen onder water gehouden in een rivier. Hij werd door de agenten ook gedwongen rivierwater te drinken. Sommige van de vergrijpen gelden voor de Spaanse wet als marteling.

De rechtbank veroordeelde één agent tot 4,5 jaar celstraf en de andere drie politiemannen tot gevangenisstraffen van twee tot 2,5 jaar. Elf andere agenten die in de zaak werden verdacht, zijn gisteren vrijgesproken.

Sarasola en Portu zijn eerder dit jaar veroordeeld tot 1.040 jaar gevangenisstraf voor de bomaanslag op het vliegveld. De explosie op 30 december 2006 maakte een eind aan een staakt-het-vuren sinds maart van dat jaar. De ETA ging opnieuw tot geweld over toen vredesonderhandelingen met de Spaanse regering op niets uitliepen. Bij de aanslag kwamen twee Ecuadoranen om het leven en vielen zeker 41 gewonden. De bom verwoestte een parkeergarage van vijf verdiepingen. (AP, BBC)