(On)macht zonder drama valt niet op

Laurent Gbagbo is geen man voor wereldnieuws. De president van Ivoorkust zwerft al een paar weken in een eigenzinnig Don Quichot-rolletje over de internationale nieuwspagina’s.

Sinds een nationale kiescommissie – Gbagbo zelf vertrouwt liever op de door hem benoemde grondwettelijke raad – een maand geleden besloot dat de 65-jarige socialist de verkiezingen verloren heeft, wil iedereen hem weg hebben als president van Ivoorkust. Maar Gbagbo buigt voor niemand. Niet voor zijn West-Afrikaanse buren, die met een militaire interventie dreigen. Niet voor ex-kolonisator Frankrijk, Verenigde Staten en Verenigde Naties (China blijft stil. De nieuwe macht in Afrika kent geen Yellow Man’s Burden).

Dit is wat Gbagbo het wereldnieuws te bieden heeft: een flinke dosis koppigheid, een leger en knokploegvrienden, en de steun van de (rijkste) helft van de bevolking van cacaomogendheid Ivoorkust. Eenzaamheid ook. Gbagbo krijgt al begrip voor Zimbabwes Robert Mugabe, al jaren paria, vertelde hij Le Monde.

Dramatische elementen genoeg. Toch wil de Ivoriaan maar niet uitgroeien tot een Verhaal dat de mondiale publieke opinie beroert. Zelfs niet nu ’s werelds machtigsten even vrij hebben, tektonische platen even geen aardbevingen veroorzaken, en aanslagen die de wereld kunnen schokken, zoals op de krant Jyllands-Posten in Kopenhagen, vooralsnog verijdeld zijn.

Wereldnieuws vraagt meer. De heerser van Abidjan zou misschien wat flegma kunnen tonen, zoals Mario Sepulveda Espina dit najaar, als informele woordvoerder van de Chileense mijnwerkers die 69 dagen ondergronds overleefden.

Of er zouden meer extravagante details over hem bekend moeten worden, zoals de Italiaanse premier Silvio Berlusconi dit jaar overkwam: over al te jonge meisjes, ruw behandelde bondgenoten, pijnlijke via WikiLeaks gelekte Amerikaanse diplomatenpost over zijn exclusieve band met premier Poetin van Rusland.

Mediagenie houdt niet per se verband gelijk met macht of belang – zie de Chileense mijnwerkers. En een oorlog in West-Afrika kan wel degelijk ernstig zijn – zie Sierra Leone en Liberia.

Het gaat misschien om iets anders: de maat van deze tijd is de belofte van – in Europa meestal vrees voor – dramatische wending en verandering die ons raakt. Daar letten we op, bij leiders, rampen en revoluties. Ook Gbagbo kan tot de verbeelding spreken, als hij dat bereikt.

Het verlangen naar drama levert een blinde vlek op voor stille macht, van politici, diplomaten, denkers en ondernemers. De debatten over de voors en tegen van WikiLeaks getuigden ervan. (On)macht zonder spektakel wekt op z’n best teleurstelling, en meestal onverschilligheid.

Voorbeeld: Barack Obama. Specialist in het wekken van verwachtingen (Change!) maar kennelijk te behoedzaam om indruk te blijven maken. Hij voerde een historische zorgwet door in de VS, maar zijn spectaculaire tegenstanders van de Tea Party zetten de toon. Hij wekte verwachtingen in het Midden-Oosten, maar liet Israël bijna geruisloos ontglippen in het vredesproces. Succes of falen: sinds hij president is, lijkt het bij Obama nooit spectaculair genoeg om waar te zijn. Nog even, en ook hij is geen man voor het wereldnieuws.

René Moerland