Juli

De Britse schrijfster Beryl Brainbridge (1934) schreef achttien romans, waarvan er vijf werden genomineerd voor een Booker Prize, die ze vervolgens niet kreeg.

Groot-ayatollah Mohammed Hussein Fadlallah (1935) was zeer invloedrijk onder de shi’ieten en werd gezien als geestelijk leider van Hezbollah in Libanon.

Egyptische taalwetenschapper en Korangeleerde Nasr Abu Zayd (1943) pleitte ervoor de Koran in zijn historische, geografische en culturele context te zien en niet letterlijk te nemen.

Columnist Jan Blokker (1927) streed tegen ‘de dictatuur van de kletskoek’. Hij schreef lange tijd voor de Volkskrant, de laatste jaren voor nrc.next.

Gijs Stappershoef (1920) was een televisiepionier die een duidelijke eigen lijn trok. Hij bloeide op als hij iets nieuws kon opzetten.

Striptekenaar Harvey Pekar (1939) was de auteur van onder meer de strip American Splendor. Zijn zwarte kijk op het bestaan was zijn grote kracht.

Henryk Jankowski (1936) speelde als kapelaan van de Poolse vakbeweging Solidariteit een heldenrol. Later werd hij beschuldigd van pedofilie en antisemitisme.

George Steinbrenner (1930) was de eigenaar van de honkbalclub New York Yankees, die zich met elk detail bemoeide.

De Australiër Sir Charles Mackerras (1925) was een bevlogen en markant dirigent, pionier van het authentieke musiceren, maar soms wat gemakzuchtig.

Bas-bariton Henk Smit (1932) trad in Nederland op in meer dan honderd operaproducties. Ook in het buitenland zong hij veelvuldig.

Frans van Leeuwen (1943) schreef bijna drie decennia recensies van jazz en wereldmuziek in NRC Handelsblad. Hij was wars van trends en kunstjes.

Anthony Rolfe Johnson (1940) was Britse tenor met gevoelige, emotionele stem.

Met zijn Kollektief en zijn liefde voor de muzikale kruisbestuiving was jazzmusicus Willem Breuker (1944) een spilfiguur in de geïmproviseerde muziek.

Ate Doornbosch (1926) legde met groot geduld oude volksliederen vast die bejaarden hem voorzongen.

VVD-coryfee Henk Vonhoff (1931) was een kleurrijk politicus: spits, geestig en erudiet. Hij behoorde tot de klassieke liberalen en werd beschouwd als schatbewaarder van Thorbecke.

De Italiaanse scenariste Suso Cecchi d’Amico (1914) schreef scripts voor ruim 110 films, waaronder De Fietsendieven.

De Amerikaanse producer Mitch Miller (1911) was de eerste platenproducer in de pop. Hij maakte als orkestleider megahit met het thema uit Bridge on the River Kwai.