Februari

De Enschedese schilder Ben Akkerman (1920) was een autodidact. Hij was ambtenaar en schilderde in zijn vrije tijd een fijnzinnig oeuvre bij elkaar.

John Dankworth (1927) was een saxofonist met een romantische en lichte sound. Als bandleider en componist vormde hij met zijn vrouw Cleo Laine de naoorlogse jazz in Groot-Brittannië.

Mihailo Markovic (1923) was de ideoloog achter het geweld van de Servische nationalist Milosevic. Hij koppelde marxisme aan nationalisme en inspireerde daarmee de Servische leider.

Franco Ballerini (1964) was een wielrenner die liever aanviel dan tactisch koerste. Hij won twee keer Parijs-Roubaix. Hij kwam om het leven tijdens een autorally.

De Pool Krzysztof Skubiszewski (1926) hielp als minister van Buitenlandse Zaken zijn land op weg naar de NAVO en de Europese Unie.

De Amerikaan John Murtha (1932) was de eerste Vietnamveteraan in het Congres. Hij dwong Washington te erkennen dat de oorlog in Irak een catastrofale vergissing was.

Het Texaanse Congreslid Charles Wilson (1933) was pleitbezorger van het Afghaanse verzet tegen de Russen. Hij speelde een cruciale rol bij de aftocht van het Sovjetleger uit Afghanistan.

Dissident gedrag was de bourgondische christen-democraat Jim Janssen van Raaij (1933) niet vreemd. Hij kwam uit de CHU en eindigde bij de LPF.

De Britse modeontwerper Alexander McQueen (1969) werd beroemd met mode als provocatie. Zijn theatrale ontwerpen zijn opgenomen in museumcollecties.

Rob Hazelhoff (1930) was een van de grondleggers van ABN Amro. Een klassiek bankier, die maar voor één bank werkte. Degelijkheid was zijn leidraad.

De Groningse econoom Jan Pen (1921) was een popularisator van zijn vak. Hij zocht het brede publiek. Tot zijn laatste snik bleef hij een volbloed keynesiaan.

De Engelse thrillerauteur Dick Francis (1920) schreef veertig boeken en verkocht 90 miljoen exemplaren. Hij was gespecialiseerd in paardenraces.

De faam van de Argentijnse componist Ariel Ramirez (1921) berust op de Misa Criolla, een mis met Argentijnse muziek.

Alexander Haig (1924) volgde eerst een militaire loopbaan. Na Watergate werd hij stafchef op het Witte Huis onder de presidenten Nixon en Ford. Ook was hij minister van Buitenlandse Zaken.

Na drie maanden hongerstaking overleed de Cubaanse dissident en mensenrechtenactivist Orlando Zapata (1968).