Record aantal gegijzelden door piraten uit Somalië

Door patrouilles van oorlogsbodems mislukken meer kapingen voor de Somalische kust. Maar de piraten vallen vaker aan.

De piraten uit Somalië hebben op de valreep van 2010 een nieuw record geboekt: niet eerder hielden zij zo veel zeelieden gegijzeld.

Ongeveer zeshonderd opvarenden uit tal van landen beleven Oud en Nieuw dit jaar voor de kust van Somalië met piraten. Kalasjnikovs en qat in plaats van oliebollen en champagne.

De gijzelaars komen uit landen als de Filippijnen, India en Georgië. Hun schepen dragen namen als Polar, Panama en Motivator. Sommigen zijn pas kort gegijzeld. Zoals de bemanning van de Ems River, een schip dat maandag werd gekaapt in de Golf van Aden.

Anderen zitten al langer vast. Zoals de opvarenden van de Rak Afrikana, die 11 april werden overvallen bij de Seychellen. Niemand wacht zo lang als de zes Jemenieten op de Socotra 1: zij werden geënterd op Eerste Kerstdag 2009.

Hoeveel zeelieden de piraten exact vasthouden, is niet bekend. De antipiraterijmissie van de Europese Unie, Atalanta, hield het gisteren op 25 schepen met in totaal 587 opvarenden. Het Internationaal Maritiem Bureau telde 26 schepen met 617 opvarenden. Het zijn de dagkoersen van de Somalische piraterij.

De mensenrechtenclub Ecoterra en het Oost-Afrikaanse Zeevaardersondersteuningsprogramma tellen ten minste 42 gekaapte schepen en 730 gijzelaars. Deze organisaties tellen ook kleinere vaartuigen mee die na een kaping niet worden geregistreerd bij de EU-missie Atalanta of het Internationaal Maritiem Bureau.

De vaartuigen worden niet als vermist opgegeven omdat ze nergens officieel staan ingeschreven, of omdat ze lading vervoeren die geen publiciteit verdraagt. Of omdat ze illegaal vissen. Zij zijn de verborgen slachtoffers van de piraterij.

De internationale marinearmada op de Indische Oceaan en in de Golf van Aden is dit jaar groter dan ooit. Tientallen oorlogsschepen uit alle windstreken, ook uit Nederland, beschermen sinds eind 2008 koopvaardijschepen en voedseltransporten naar Somalië. Ze verijdelen kapingen en ontwapenen piraten.

De scheepvaartindustrie neemt zelf ook steeds meer voorzorgsmaatregelen. Het slagingspercentage van de piratenaanvallen is daardoor gedaald ten opzichte van twee jaar terug. Maar omdat de zeerovers vaker aanvallen, is het aantal geslaagde kapingen even hoog als vorig jaar.

De piraten verleggen hun jachtterrein, in reactie op de zeepatrouilles. Gisteren maakte de EU-missie Atalanta bekend dat zeerovers meer dan 950 zeemijl ten zuiden van Dar es Salaam een – mislukte – kaping hadden uitgevoerd, op de wateren tussen Mozambique en Madagascar. Ongeveer ter hoogte van de plek waar prins Willem-Alexander zijn vakantievilla had gepland.

Eerder dit jaar maakten piraten drie vissersboten buit op tweeduizend kilometer van de kust – dichter bij India dan Afrika.

De oplossing voor de piraterij ligt aan land, in Somalië, waar al twintig jaar geen effectief centraal gezag bestaat, door burgeroorlog en clanstrijd. Er is geen uitzicht op vrede.

De 47 kapingen dit jaar betreft overigens maar een fractie van het aantal schepen dat jaarlijks alleen al door de Golf van Aden vaart: ruim twintigduizend. De achttien Filippijnse opvarenden van de Motivation zullen aan die wetenschap geen boodschap hebben. Zij worden sinds 4 juli gegijzeld. Deze week gebruikten de piraten hun schip zelfs om het schip de Ems River mee te kapen – terwijl de Filippijnen nog aan boord waren.