Groot-Israël is irrelevant in de Israëlische politiek

Jan Elshout probeerde met zijn opiniestuk op 27 december – Met dit Israël zijn twee staten onmogelijk – uitsluitend Israël de schuld te geven voor de stagnatie in het vredesproces. Dit is simplistisch en oneerlijk. Ook uit Elshout de aantoonbaar onjuiste beschuldiging dat slechts tien Israëlische parlementariërs tegen de Groot-Israël-gedachte zijn. Behalve enkele individuele politici streeft slechts één partij daadwerkelijk naar een Groot-Israel: de Nationale Unie, met vier zetels in het parlement.

Premier Netanyahu sprak op 11 oktober 2010 nog zijn steun uit voor een tweestatenoplossing, in een toespraak voor de Knesset. Ook minister Barak (Defensie) zei dit jaar dat Israël geen andere keuze heeft. De partijen die zij vertegenwoordigen, Likud en Arbeid, hebben 40 zetels.

Ook vertelde voormalig premier Olmert – toenmalig leider van Kadima, nu de grootste partij, met 28 zetels – op 14 september 2008 het volgende aan zijn ministers: „Groot-Israël is voorbij. Het bestaat niet meer. Degenen die ervan spreken, houden zichzelf een illusie voor.”

Ook vergeet Elshout voor het gemak de elf Arabische parlementariërs mee te tellen in zijn betoog.

Elshout wil eenzijdige internationale druk op Israël, hoewel de wil voor vrede van twee kanten moet komen. Bovendien wordt het vredesproces bemoeilijkt doordat op dit moment twee Palestijnse regeringen in strijd zijn met elkaar. Noch Hamas noch Fatah kan claimen de Palestijnen te vertegenwoordigen in onderhandelingen met Israël. Twee staten zijn inderdaad noodzakelijk, maar het zal niet lukken een duurzame tweestatenoplossing te bereiken als het niet uit de harten komt van de betrokkenen zelf.

Richard Priem

Medewerker CIDI