16.111 pagina's en toch incompleet

De aanschaf van de JSF blijkt steeds duurder dan gedacht.

Is het JSF-dossier wel te controleren door de Kamer? Vier observaties.

Ook voor de voorstanders van de JSF was het even slikken.

De Amerikaanse Joint Strike Fighter, zo maakte minister van Defensie Hans Hillen (CDA) begin december bekend, gaat Nederland 1,4 miljard meer kosten dan was begroot. Het budget voor 85 JSF-toestellen komt daarmee op 7,6 miljard euro.

Dat de JSF duurder zou worden had iedereen wel verwacht. Maar zó veel duurder? „Dit valt tegen”, zei CDA-woordvoerder Raymond Knops.

In 2002 stapte Nederland in de ontwikkeling van JSF. Sinds dat jaar heeft de Tweede Kamer duizenden schriftelijke vragen gesteld over de JSF. De regering, van haar kant, overstelpte het parlement met informatie. Alleen al in de zes maanden tussen oktober 2008 en april 2009, zo telde het Bureau Rijksfinanciën en Overheid (BOR), stuurde het ministerie van Defensie (en soms het ministerie van EZ) 534 pagina’s tekst naar het parlement.

Vorig jaar, vlak voor het kerstreces, nam VVD’er Han ten Broeke het JSF-dossier over van het scheidende Kamerlid Arend Jan Boekestijn. „De stapel papier”, vertelt Ten Broeke, „kwam letterlijk tot aan mijn heup”.

Is het JSF-dossier eigenlijk wel te controleren door de Kamer?

Wij worstelden ons door de duizenden pagina’s tekst, waarbij we vooral keken naar de financiële informatie die aan de Kamer werd verstrekt. Enkele observaties.

1Veel informatie rond de JSF was geheim.

De belangrijkste vragen over de JSF konden niet in het openbaar worden besproken. Als Kamerleden vroegen of de F-35 wel is opgewassen tegen de nieuwste generatie Russische jagers (in februari 2009), dan meldde Defensie dat „de operationele capaciteiten” van de JSF „gerubriceerd” zijn en niet in het openbaar kunnen worden besproken. Als parlementariërs informeerden naar prijzen van de JSF dan kregen ze te horen dat de exacte kosteninformatie „commercieel vertrouwelijk” is.

Tegelijk met de openbare uitwisseling met het parlement legden Defensie en EZ een gigantische hoeveelheid vertrouwelijke informatie ter inzage voor de parlementariërs. In de periode oktober 2008-april 2009, zo telde het BOR, ging het om 16.111 pagina’s – letterlijk archiefdozen vol. Kamerleden zijn er waarschijnlijk niet veel wijzer van geworden. Toen onderzoekers van het BOR een doos vertrouwelijke informatie uitpakten, troffen ze een eindeloze reeks getallen aan, zonder enige ordening. „De informatie in doos 1 is nietszeggend en betreft vooral willekeurige cijfers, letters, vierkante blokjes, leestekens en spaties”, schreef het onderzoeksbureau op 15 april van het vorig jaar.

2Het Nederlandse ministerie van Defensie sprak met de mond van het Pentagon.

Als belangrijke JSF-partner mogen Nederlandse vertegenwoordigers meepraten in het JSF Program Office (JPO) in Washington. Maar deze goede informatiepositie is niet terug te zien in de brieven aan de Kamer. Defensie informeerde de Kamer langs de lijnen van het Pentagon. Wie wilde weten hoe het JSF-programma er werkelijk voor stond, kon beter de jaarlijkse rapporten van de Amerikaanse rekenkamer, het General Accounting Office (GAO) lezen.

Een voorbeeld. In het voorjaar van 2008 meldt het GAO dat drie verschillende controle-instanties binnen het Pentagon, onafhankelijk van elkaar, pessimistische schattingen hadden gemaakt over de kosten van de JSF.

Toen Kamerleden schriftelijke vragen stelden, meldde toenmalig staatssecretaris De Vries (CDA) dat het Pentagon inmiddels opdracht had gegeven tot eigen, ‘onafhankelijk’ onderzoek. Maar het departement hield de Kamer niet op de hoogte van de alarmerende conclusies van dit zogeheten Joint Estimate Team (JET). De regering-Bush had het JET-rapport in een diepe la geschoven.

In antwoord op schriftelijke vragen meldde De Vries op 27 augustus 2009 dat het ging om een „intern rapport dat door het Pentagon niet openbaar is gemaakt.” De conclusies stonden echter al een half jaar op de site van het GAO.

3Het JSF-programma had geen duidelijke financiële uitgangspunten.

In 2010 werd de ontwikkeling van de JSF tijdelijk gestopt door het Amerikaanse Congres. De F-35 was ruim 50 procent duurder geworden dan de raming die voor aanvang van het programma was gemaakt.

Maar het Nederlandse ministerie van Defensie heeft nimmer duidelijke financiële uitgangspunten voor de JSF geformuleerd. In 1998 had de luchtmacht uitgerekend dat er ongeveer 4,5 miljard euro beschikbaar was om het gevechtsvliegtuig te vervangen. Voor dat geld konden toen 85 JSF’s worden gekocht. Ondertussen steeg de prijs van de JSF. In 2006 – vier jaar nadat Nederland in de JSF was gestapt – werd het budget ‘vastgesteld’ op 5,5 miljard euro – een miljard meer. Toen dit budget onder druk kwam te staan door inflatie en verdere kostenstijgingen, weigerde Defensie het te verhogen. Pas in 2009 werd het projectbudget verhoogd naar 6,1 miljard. Inmiddels is het budget 7,6 miljard euro voor 85 toestellen. Zoveel vliegtuigen worden er zeker niet gekocht.

4Defensie was niet duidelijk over de prijs van de JSF.

Producenten van militaire vliegtuigen hanteren een groot aantal verschillende kostensoorten. In rapportages aan de Kamer hanteerde Defensie steeds de laagste. De Unit Recurring Flyaway Cost (URF) geeft weer hoeveel het kost om een kant en klare JSF te produceren. Voor de ‘kale kostprijs’ kun je geen JSF kopen.

Bovendien moet een afnemer van een straaljager een opslag bepalen voor de overhead- en ontwikkelingskosten van het vliegtuig. Nederland hoeft deze opslagen niet te betalen, omdat het partner is in het project. Maar Nederland heeft wel betaald voor het JSF-ticket: bijna 800 miljoen euro tot nu toe. Deze kosten zijn buiten het budget voor de JSF gehouden. Daardoor lijken de kosten lager. In december 2008 constateerde Defensie dat de „investeringskosten’’ voor de JSF lager lagen dan voor andere vliegtuigen. De Algemene Rekenkamer constateerde echter dat Defensie honderden miljoenen aan sunken costs niet had meegerekend. De Rekenkamer constateerde ook dat een groot aantal ‘gerelateerde’ projecten niet in het budget zijn opgenomen. Bommen en raketten bijvoorbeeld. In totaal gaat het om minstens 188 miljoen euro.