Poetin mag meer dan Orlov

In Moskou staat sinds september mensenrechtenactivist Oleg Orlov terecht. De voorzitter van mensenrechtenorganisatie Memorial is door de Russische staat aangeklaagd, omdat hij de Tsjetsjeense president Ramzan Kadyrov heeft aangewezen als de verantwoordelijke voor de moord, in de zomer van 2009, op de Tsjetsjeense mensenrechtenactiviste Natalia Estemirova. Als Orlov schuldig wordt bevonden, kan hij drie jaar gevangenisstraf krijgen.

In het onderzoek naar de moord op Estemirova, die door Kadyrov herhaaldelijk is bedreigd en geïntimideerd, zit tot nog toe geen enkel schot. Evenmin is er een verdachte aangewezen.

Kadyrov gaat op zijn beurt onomwonden tekeer tegen Memorial, dat hij als een verraderlijke en gewelddadige tegenstander afschildert. De advocaat van Kadyrov beweert bovendien dat Memorial de moord op Estemirova zelf heeft georganiseerd, om de Tsjetsjeense president in diskrediet te brengen. Ook heeft hij gezegd dat als Orlov wordt veroordeeld, veiligheidsdienst FSB Memorial zou moeten sluiten en andere Russische politici strafzaken zouden moeten aanspannen tegen diegenen die onterechte kritiek op hen leveren.

De zaak tegen Orlov heeft echter ook een andere kant. En die heeft te maken met premier Poetin. In zijn jaarlijkse ‘telefoongesprek met de natie’, dat hij twee weken geleden op de staatstelevisie voerde, wees Poetin Chodorkovski en Lebedev in het openbaar aan als schuldigen aan een ernstig vergrijp – net als Orlov vorig jaar deed met Kadyrov. Maar Poetin werd daarvoor door niemand aangeklaagd. „Terwijl dit in theorie zou moeten kunnen”, zegt een hoge westerse diplomaat. „Want in principe is er hetzelfde aan de hand.” Vraag blijft nu waarom een gewone burger als Oleg Orlov wel voor de rechter moet verschijnen en Poetin niet. „Het lijkt wel of Poetin boven de wet staat”, zegt de diplomaat.

Toen een van de directeuren van de staatstv vrijdag aan president Medvedev vroeg wat hij van Poetins beschuldigende woorden over Chodorkovski en Lebedev vond, antwoordde hij dat geen enkele staatsdienaar zijn positie mag gebruiken om zijn mening te geven over een proces zolang de rechter zijn vonnis niet heeft geveld. Wat Chodorkovski en Lebedev betreft, hebben zijn woorden geen gehoor gevonden.